Art. 26b Wet LB 1964 regelt de toepassing van het anoniementarief.
Wat vindt u in De Vakstudie?
1. De geschiedenis en de achtergrond van artikel 26b
Art. 26b Wet LB 1964 is – toen nog genummerd art. 26a – met ingang van 1 januari 1986 in de wet opgenomen. Die bepaling heeft gegolden van 1 januari 1986 tot en met 31 december 1989. Per 1 januari 1990 is deze bepaling vernummerd in art. 26b en is het tarief verhoogd. Daarna heeft de tekst nog diverse wizigingen ondergaan. Met ingang van 1 juni 1994 geldt het anoniementarief ook als de werknemer niet heeft voldaan aan de identificatieplicht. De belangrijkste wijzigingen zijn de volgende. Met ingang van 1 januari 1997 is daaraan toegevoegd dat het anoniementarief ook geldt als in de loonadministratie geen afschrift van het identiteitsbewijs is opgenomen. Met ingang van 1 januari 2001 is het anoniementarief verlaagd van 60% naar 52%, in verband met de overeenkomstige verlaging van het toptarief in de loon- en inkomstenbelasting. Met ingang van 1 januari 2008 is de eerste volzin aangevuld voor gevallen waarin de werknemer geen of een onjuist sociaal-fiscaalnummer (m.i.v. 25 maart 2009: burgerservicenummer), heeft doorgegeven aan de inhoudingsplichtige en voor gevallen waarin het de werknemer niet is toegestaan in Nederland arbeid te verrichten.
2. Anoniementarief
Art. 26b Wet LB 1964 regelt de toepassing van het anoniementarief. Het anoniementarief is gelijk aan het hoogste tarief van de loon- en inkomstenbelasting. Het anoniementarief is een sanctie die geldt als een werknemer geen of onjuiste identiteitsgegevens aan de inhoudingsplichtige verstrekt, zich niet op de voorgeschreven wijze legitimeert, geen afschrift van het legitimatiebewijs is opgenomen in de loonadministratie of als de werknemer niet is toegestaan in Nederland arbeid te verrichten (aant. 2).
Hierna wordt ingegaan op het ontstaan van de bepaling (aant. 1.2), doel en strekking (aant. 1.4), de vraag of het anoniementarief een strafsanctie behelst (aant. 1.5), de context van de bepaling (aant. 1.6), de aansprakelijkheid voor naar anoniementarief geheven belasting (aant. 1.7), of het anoniementarief in strijd is met verdragsbepalingen (aant. 1.8) en de begripsomschrijvingen (aant. 1.17).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vakstudie Loonbelasting en Premieheffingen, art. 26b Wet LB 1964, aant. 1.1
Aant. 1.1 Inleiding
Actueel t/m 02-05-2026
02-05-2026, het commentaar is bijgewerkt t/m BNB 2026/65 en V-N 2026/18.18.34
01-01-1990 tot: -
Vakstudie Loonbelasting en Premieheffingen, art. 26b Wet LB 1964, aant. 1.1
Verzekeringsrecht / Pensioenrecht
Loonbelasting / Tarief
anoniementarief
Wet op de loonbelasting 1964 artikel 26b
Beschouwing
Inleiding
Art. 26b Wet LB 1964 regelt de toepassing van het anoniementarief.
Wat vindt u in De Vakstudie?
1. De geschiedenis en de achtergrond van artikel 26b
Art. 26b Wet LB 1964 is – toen nog genummerd art. 26a – met ingang van 1 januari 1986 in de wet opgenomen. Die bepaling heeft gegolden van 1 januari 1986 tot en met 31 december 1989. Per 1 januari 1990 is deze bepaling vernummerd in art. 26b en is het tarief verhoogd. Daarna heeft de tekst nog diverse wizigingen ondergaan. Met ingang van 1 juni 1994 geldt het anoniementarief ook als de werknemer niet heeft voldaan aan de identificatieplicht. De belangrijkste wijzigingen zijn de volgende. Met ingang van 1 januari 1997 is daaraan toegevoegd dat het anoniementarief ook geldt als in de loonadministratie geen afschrift van het identiteitsbewijs is opgenomen. Met ingang van 1 januari 2001 is het anoniementarief verlaagd van 60% naar 52%, in verband met de overeenkomstige verlaging van het toptarief in de loon- en inkomstenbelasting. Met ingang van 1 januari 2008 is de eerste volzin aangevuld voor gevallen waarin de werknemer geen of een onjuist sociaal-fiscaalnummer (m.i.v. 25 maart 2009: burgerservicenummer), heeft doorgegeven aan de inhoudingsplichtige en voor gevallen waarin het de werknemer niet is toegestaan in Nederland arbeid te verrichten.
2. Anoniementarief
Art. 26b Wet LB 1964 regelt de toepassing van het anoniementarief. Het anoniementarief is gelijk aan het hoogste tarief van de loon- en inkomstenbelasting. Het anoniementarief is een sanctie die geldt als een werknemer geen of onjuiste identiteitsgegevens aan de inhoudingsplichtige verstrekt, zich niet op de voorgeschreven wijze legitimeert, geen afschrift van het legitimatiebewijs is opgenomen in de loonadministratie of als de werknemer niet is toegestaan in Nederland arbeid te verrichten (aant. 2).
Hierna wordt ingegaan op het ontstaan van de bepaling (aant. 1.2), doel en strekking (aant. 1.4), de vraag of het anoniementarief een strafsanctie behelst (aant. 1.5), de context van de bepaling (aant. 1.6), de aansprakelijkheid voor naar anoniementarief geheven belasting (aant. 1.7), of het anoniementarief in strijd is met verdragsbepalingen (aant. 1.8) en de begripsomschrijvingen (aant. 1.17).