FED 1987/360
1. Afboeking op rekening-courantvordering van aandeelhoudster/creditrice in casu aangemerkt als informele kapitaalstorting. 2. Geen verhoging ex art. 21, eerste lid, tweede volzin AWR indien sprake is van pleitbaar standpunt.
Hof 's-Gravenhage 17-03-1987, ECLI:NL:GHSGR:1987:BI9408, m.nt. J.S. Rijkels
- Instantie
Hof 's-Gravenhage
- Datum
17 maart 1987
- Magistraten
Zuurmond; Pieters; Monné
- Zaaknummer
4662/84
- Noot
J.S. Rijkels
- LJN
BI9408
- JCDI
JCDI:ADS205421:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingen van rechtsverkeer / Kapitaalsbelasting
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHSGR:1987:BI9408, Uitspraak, Hof 's-Gravenhage, 17‑03‑1987
- Wetingang
Art. 34, letter c, Wet BRV; art. 21, eerste lid, tweede volzin, AWR
Essentie
1. Afboeking op rekening-courantvordering van aandeelhoudster/creditrice in casu aangemerkt als informele kapitaalstorting. 2. Geen verhoging ex art. 21, eerste lid, tweede volzin AWR indien sprake is van pleitbaar standpunt.
Uitspraak
Het geschil betreft een op 4 april 1984 opgelegde naheffingsaanslag kapitaalsbelasting.
Vaststaat:
Op 28 december 1972 zijn opgericht de houdstermaatschappij A BV en de werkmaatschappij X BV, beide gevestigd te Z. De aandelen in X BV (belanghebbende) zijn sedertdien voor 100% in bezit van A BV (hierna: A) geweest, terwijl voor de heffing van vennootschapsbelasting belanghebbende geacht werd te zijn opgegaan in A. De directies van beide vennootschappen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.