FED 1995/209:Belanghebbende, woonachtig in Nederland, ontvangt een Duitse wettelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering en een Nederlandse AAW-uitkering, waarop het bedrag van de Duitse uitkering in mindering wordt gebracht. HR: gelet op het arrest-Noij van het EG-Hof van Justitie (FED 1991/614) verzet het gemeenschapsrecht zich niet tegen heffing van premies AOW, AWW, AKW en AWBZ over belanghebbendes inkomen. Dat is anders met betrekking tot de heffing van AAW-premie, omdat een deel van de uitkeringen wegens arbeidsongeschiktheid waarin de AAW in Nederland voorziet, door de anticumulatieregeling in feite ten laste komt van het Duitse orgaan. Op grond van een redelijke wetstoepassing mag Nederland slechts AAW-premie heffen naar rato van de verhouding tussen de Nederlandse uitkering (na de korting) en het totale bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkeringen dat de belanghebbende ontvangt.