BNB 2005/19
Het gereduceerde tarief voor zuiveringsinstallaties van een openbaar lichaam houdt geen discriminatie in
HR 01-10-2004, ECLI:NL:HR:2004:AP5910, m.nt. Van Leijenhorst
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 oktober 2004
- Magistraten
Pos; Monné; Amersfoort, van; Leemreis; Maanen, van
- Zaaknummer
37 877
- Conclusie
A-G mr. Niessen
- Noot
Van Leijenhorst
- LJN
AP5910
- JCDI
JCDI:ADS888889:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingen van lagere overheden (V)
Milieubelastingen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2004:AP5910, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑10‑2004
ECLI:NL:PHR:2004:AP5910, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 01‑10‑2004
- Wetingang
Art. 26 IVBPR; art. 19a, vierde lid, Wet VO
Essentie
Het gereduceerde tarief voor zuiveringsinstallaties van een openbaar lichaam houdt geen discriminatie in
Samenvatting
Belanghebbende, een bedrijf dat agrarisch-chemische producten vervaardigt en verhandelt, loost het van haar bedrijf afkomstige afvalwater op oppervlaktewater dat bij het Rijk in beheer is. Het water is tevoren gezuiverd in een eigen zuiveringsinstallatie. Belanghebbende ziet het gereduceerde tarief voor openbare lichamen die vanuit rioolwaterzuiveringsinstallaties lozen op rijkswater als een verboden ongelijke behandeling.
HR: Rioolwaterzuiveringsinstallaties hebben minder invloed op de samenstelling van het te verwerken afvalwater dan de installaties van private eigenaren en zijn dan ook minder vatbaar voor de regulerende werking die van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.