GS Verbintenissenrecht, art. 6:160 BW, aant. 2.8:2.8 Afstand van een vorderingsrecht om niet
GS Verbintenissenrecht, art. 6:160 BW, aant. 2.8
2.8 Afstand van een vorderingsrecht om niet
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Documentgegevens:
prof. mr. T.J. Mellema-Kranenburg, actueel t/m 24-11-2025
Actueel t/m
24-11-2025
Tijdvak
01-01-1992 tot: -
Auteur
prof. mr. T.J. Mellema-Kranenburg
Vindplaats
GS Verbintenissenrecht, art. 6:160 BW, aant. 2.8
Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Ook voor de afstand om niet is, anders dan naar oud recht wel werd verdedigd, een overeenkomst tussen de schuldeiser en de schuldenaar nodig.
Door enkele wilsverklaring kan men derhalve geen afstand van een vorderingsrecht doen. Wel wordt in dit geval de toestemming al snel aangenomen, namelijk wanneer de schuldenaar van het aanbod heeft kennis genomen en het niet onverwijld heeft afgewezen. Deze afwijking van de algemene regel van art. 6:217 jo. 3:37 heeft als ratio dat de schuldeiser de schuldenaar geen bevoordeling moet kunnen opdringen, maar dat anderzijds snel mag worden aangenomen dat de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
GS Verbintenissenrecht, art. 6:160 BW, aant. 2.8
2.8 Afstand van een vorderingsrecht om niet
prof. mr. T.J. Mellema-Kranenburg, actueel t/m 24-11-2025
24-11-2025
01-01-1992 tot: -
prof. mr. T.J. Mellema-Kranenburg
GS Verbintenissenrecht, art. 6:160 BW, aant. 2.8
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
afstand vorderingsrecht
Burgerlijk Wetboek Boek 6 artikel 160
Ook voor de afstand om niet is, anders dan naar oud recht wel werd verdedigd, een overeenkomst tussen de schuldeiser en de schuldenaar nodig.
Door enkele wilsverklaring kan men derhalve geen afstand van een vorderingsrecht doen. Wel wordt in dit geval de toestemming al snel aangenomen, namelijk wanneer de schuldenaar van het aanbod heeft kennis genomen en het niet onverwijld heeft afgewezen. Deze afwijking van de algemene regel van art. 6:217 jo. 3:37 heeft als ratio dat de schuldeiser de schuldenaar geen bevoordeling moet kunnen opdringen, maar dat anderzijds snel mag worden aangenomen dat de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.