BNB 1998/291
Aannemingsovereenkomst; verplichtingen betreffende onderaannemers
HR 24-06-1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2321
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 juni 1998
- Magistraten
Jansen; Bellaart; Putt-Lauwers, van der; Brunschot, van; Meij
- Zaaknummer
33 437
- LJN
AA2321
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1998:AA2321, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑06‑1998
- Wetingang
Essentie
Aannemingsovereenkomst; verplichtingen betreffende onderaannemers
Samenvatting
Belanghebbende is op 28 februari 1988 tegenover een aannemer verplichtingen aangegaan voor de bouw van een bedrijfspand. Hij maakt te dezer zake aanspraak op investeringsbijdragen. In de aanneemsom waren voor het bedrag van de daarvoor uitgebrachte offertes werken begrepen (centrale verwarming, elektrische installaties en grondwerk) die niet door de aannemer zelf, doch door derden zouden worden uitgevoerd; de met deze werken gemoeide bedragen zijn zonder opslag aan belanghebbende doorberekend. Het Hof oordeelde dat voor deze werken vóór 29 februari 1988 geen verplichtingen waren aangegaan.
HR: In het licht van de omstandigheid dat belanghebbende ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.