FED 1989/268
Aan belanghebbende is op 19 maart 1985 geleverd een hal met daarin een scheepshelling en een gedeelte met een vlakke vloer waarop zich o.m. een kantoor en een kantine bevinden. De hal was in 1982 grotendeels voltooid. In mei 1983 is begonnen met de bouw van de scheepshelling en een casco. Reeds eerder was een deel van de hal in gebruik genomen als kantoor, kantine en bouwplaats voor kleine jachten, waarvoor geen scheepshelling nodig was. Hof: In casu is sprake van een onroerend goed, te weten een overdekte scheepshelling. Het in gebruik nemen van de scheepshelling en van het deel van de hal waarin deze is gelegen, moet worden aangemerkt als de eerste ingebruikneming in de zin van voornoemde wetsbepaling.
Hof 's-Hertogenbosch 12-10-1988, ECLI:NL:GHSHE:1988:BI8812
- Instantie
Hof 's-Hertogenbosch
- Datum
12 oktober 1988
- Magistraten
Moor, De; Martens; Simons
- Zaaknummer
3847/1987
- LJN
BI8812
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Fiscaal ondernemingsrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHSHE:1988:BI8812, Uitspraak, Hof 's-Hertogenbosch, 12‑10‑1988
- Wetingang
Art. 11, eerste lid, lt. a, sub. 1e, Wet OB 1968
Essentie
Aan belanghebbende is op 19 maart 1985 geleverd een hal met daarin een scheepshelling en een gedeelte met een vlakke vloer waarop zich o.m. een kantoor en een kantine bevinden. De hal was in 1982 grotendeels voltooid. In mei 1983 is begonnen met de bouw van de scheepshelling en een casco. Reeds eerder was een deel van de hal in gebruik genomen als kantoor, kantine en bouwplaats voor kleine jachten, waarvoor geen scheepshelling nodig was. Hof: In casu is sprake van een onroerend goed, te weten een overdekte scheepshelling. Het in gebruik nemen van de scheepshelling en van het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.