FED 2004/138
HR, 05-03-2004, nr. 37952
HR 05-03-2004, ECLI:NL:HR:2004:AO5040
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 maart 2004
- Zaaknummer
37952
- LJN
AO5040
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting (V)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2004:AO5040, Uitspraak, Hoge Raad, 05‑03‑2004
- Wetingang
Art. 7:11 en 8:69, eerste lid, Awb; art. 57, tweede lid, en art. 57a, tweede lid, Wet IB 1964
Samenvatting
Hof mocht aanslag niet ambtshalve in stand laten na tussen partijen totstandgekomen compromis.
Uitspraak
De Hoge Raad oordeelt dat Hof 's-Hertogenbosch niet ambtshalve mocht treden in het tussen de belanghebbende en de inspecteur totstandgekomen vaststellingsovereenkomst. Het hof had dan ook niet het oorspronkelijk op de aanslag te betalen bedrag mogen handhaven. Dat volgens het hof ten onrechte het lage bijzondere tarief in plaats van het hoge bijzondere tarief is toegepast op een deel van het belastbaar inkomen, doet daar niet aan af.
Tijdens de mondelinge behandeling van de zaak voor Hof 's-Hertogenbosch zijn belanghebbende, X, en de inspecteur ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.