Inhoudsopgave
WFR 1985/61:Tijdelijk overtollig of niet tijdelijk overtollig: dat is de vraag
WFR 1985/61
Tijdelijk overtollig of niet tijdelijk overtollig: dat is de vraag
Documentgegevens:
Drs. E. J. E. Groothuis, datum 01-01-1985
- Datum
01-01-1985
- Auteur
Drs. E. J. E. Groothuis
- JCDI
JCDI:ADS742764:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vermogensbelasting (V)
Inkomstenbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
1 Inleiding
De hoogte van het ondernemingsvermogen is van belang bij de toepassing van drie fiscale faciliteiten. In de inkomstenbelasting: de vermogensaftrek (art. 14a Wet IB, een winstaftrek van 4% van het vermogen aan het begin van het kalenderjaar; voorheen de bijzondere winstaftrek) en de fiscale oudedagsreserve (art. 44f, lid 1, Wet IB; letter b van dat artikel begrenst de reserve tot de hoogte van het ondernemingsvermogen). In de vermogensbelasting: de vrijstellingsfaciliteit voor het ondernemingsvermogen (art. 7, lid 2, Wet VB).
De afgelopen jaren is de aandacht van adviseur en inspecteur blijvend gevestigd op de vlottende activa en passiva. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.