BNB 2004/23
Geen havengeld voor dekschuit, afgemeerd tussen woonschip en de wal
HR 05-09-2003, ECLI:NL:HR:2003:AI5786, m.nt. W.J.N.M. Snoijink
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 september 2003
- Magistraten
Korthals Altes; Amersfoort, van; Oven, van
- Zaaknummer
38 352
- Noot
W.J.N.M. Snoijink
- LJN
AI5786
- JCDI
JCDI:ADS888711:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2003:AI5786, Uitspraak, Hoge Raad, 05‑09‑2003
- Wetingang
Art. 229 Gemeentewet
Essentie
Geen havengeld voor dekschuit, afgemeerd tussen woonschip en de wal
Samenvatting
Gedeelten van de haven waarvoor de gemeente met derden een overeenkomst heeft gesloten over het exclusieve gebruik daarvan, zijn onttrokken aan de bestemming openbare dienst, zodat daarvoor geen havengeld kan worden geheven. Door de verhuur van een aan een bepaald oevergedeelte verbonden ligplaats voor een woonschip, wordt ook de strook water die noodzakelijk - bijvoorbeeld wegens ondiepte van de haven - tussen dat woonschip en dat oevergedeelte overblijft, aan die bestemming onttrokken. Voor een daar gelegen vaartuig kan derhalve geen havengeld worden geheven.
Uitspraak
... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.