FED 1995/121
Belanghebbend privaatrechtelijk pensioenfonds keert afkoopsom pensioen uit aan inwoners van Duitsland ter zake van een dienstbetrekking bij de Nederlandse overheid. Het Verdrag wijst belastingheffing toe aan Nederland omdat de pensioenopbouw heeft plaatsgevonden in het kader van een overheidsfunctie. Dat de afkoopsom wordt uitgekeerd door een privaatrechtelijk pensioenfonds is dan niet van belang.
HR 23-11-1994, ECLI:NL:HR:1994:AA3001, m.nt. R.W.G. Rouwers (PTT/KPN-pensioen)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 november 1994
- Magistraten
Stoffer; Wildeboer; Urlings; Herrmann; Fleers
- Zaaknummer
29 935
- Noot
R.W.G. Rouwers
- LJN
AA3001
- Roepnaam
PTT/KPN-pensioen
- JCDI
JCDI:ADS224652:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1994:AA3001, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑11‑1994
- Wetingang
art. 12 lid 2 Belastingverdrag Nederland-Duitsland 1959; art. 19 lid 2 onderdeel a OESO-modelverdrag 1977; OESO-modelverdrag 1992
Essentie
Belanghebbend privaatrechtelijk pensioenfonds keert afkoopsom pensioen uit aan inwoners van Duitsland ter zake van een dienstbetrekking bij de Nederlandse overheid. Het Verdrag wijst belastingheffing toe aan Nederland omdat de pensioenopbouw heeft plaatsgevonden in het kader van een overheidsfunctie. Dat de afkoopsom wordt uitgekeerd door een privaatrechtelijk pensioenfonds is dan niet van belang.
Uitspraak
Het geschil betrof de naheffingsaanslag loonbelasting over het tijdvak februari 1991.
(...)
Op het beroep in cassatie van de staatssecretaris overweegt de Hoge Raad:
1. In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. Belanghebbende heeft in het onderhavige tijdvak aan twee voormalige, in Duitsland wonende, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.