FED 1995/39
De beperking van de aftrekbaarheid van kosten die verband houden met reizen en bezoeken strekt zich uit niet tot de kosten gemaakt door begeleiders van excursies, studiereizen en dergelijke, nu deze begeleiders naar normaal spraakgebruik niet als deelnemer worden aangeduid en het maken van excursies, studiereizen en dergelijke voor hen veelal geen vrijblijvend karakter heeft.
HR 26-10-1994, ECLI:NL:HR:1994:AA2941, m.nt. W.M.E. van Gorkum
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
26 oktober 1994
- Magistraten
Stoffer; Wildeboer; Urlings; Zuurmond; Fleers
- Zaaknummer
30118
- Noot
W.M.E. van Gorkum
- LJN
AA2941
- JCDI
JCDI:ADS225181:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1994:AA2941, Uitspraak, Hoge Raad, 26‑10‑1994
- Wetingang
Art. 36 Wet IB 1964
Essentie
De beperking van de aftrekbaarheid van kosten die verband houden met reizen en bezoeken strekt zich uit niet tot de kosten gemaakt door begeleiders van excursies, studiereizen en dergelijke, nu deze begeleiders naar normaal spraakgebruik niet als deelnemer worden aangeduid en het maken van excursies, studiereizen en dergelijke voor hen veelal geen vrijblijvend karakter heeft.
Uitspraak
Het geschil betrof de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 1991.
Vaststaat:
1.1. Belanghebbende, geboren in 1949, is in het onderhavige jaar werkzaam als opleidingscoördinator en docent aan een school te Q.
In het kader van zijn werkzaamheden als docent heeft belanghebbende groepen studenten ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.