BNB 1986/275
HR, 16-04-1986, nr. 23 687
HR 16-04-1986, ECLI:NL:PHR:1986:AW8051, m.nt. H.J. Hofstra
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 april 1986
- Magistraten
Dijk, Van; Vucht, Van; Vorm, Van Der; Stoffer; Verburgh
- Zaaknummer
23 687
- Noot
H.J. Hofstra
- LJN
AW8051
- JCDI
JCDI:ADS886346:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1986:AW8051, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑04‑1986
ECLI:NL:PHR:1986:AW8051, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 16‑04‑1986
- Wetingang
Art. 17 WARB, art. 34 IB '64
Samenvatting
Ambtshalve door het Hof bijgebrachte grond. Toezegging ,,ter besparing' van inkomstenbelasting die - objectief bezien - niet verschuldigd was, verhoogt het belastbare inkomen niet
Belangh. was directeur en enig aandeelhouder van een BV tot 1976, in welk jaar een ander 20% van de aandelen verwierf en mede-directeur werd. Per 1 dec. 1978 zijn alle aandelen door de beide aandeelhouders verkocht. Bij de desbetreffende overeenkomst is bedongen dat de koper gedurende vijf jaren 2,1 miljoen gulden bij de BV in deposito zou laten staan en dit deposito niet zou aanwenden voor de financiering van de overnameprijs, gezien de fiscale ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.