T&C Awb, commentaar op art. 3:4 Awb:Belangenafweging; evenredigheidsbeginsel
T&C Awb, commentaar op art. 3:4 Awb
Belangenafweging; evenredigheidsbeginsel
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Documentgegevens:
J.C.A. de Poorter, actueel t/m 01-01-2026
Actueel t/m
01-01-2026
Tijdvak
01-01-1994 tot: -
Auteur
J.C.A. de Poorter
Vindplaats
T&C Awb, commentaar op art. 3:4 Awb
Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Lid 1 is een codificatie van de tot het zorgvuldigheidsbeginsel behorende norm, dat een bestuursorgaan de verschillende bij een besluit betrokken belangen bij zijn besluitvorming moet betrekken. Lid 1 is in zeker opzicht complementair aan art. 3:3. Waar laatstgenoemde bepaling verbiedt om een beslissingsbevoegdheid te gebruiken voor andere doeleinden of belangen dan waarvoor die bevoegdheid geschapen is, scherpt art. 3:4 lid 1 het bestuur in dat binnen de ruimte die de wet daarvoor laat, in beginsel alle relevante belangen die door te nemen beslissing zullen worden geraakt, mee moeten worden gewogen (MvT, Parl. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
T&C Awb, commentaar op art. 3:4 Awb
Belangenafweging; evenredigheidsbeginsel
J.C.A. de Poorter, actueel t/m 01-01-2026
01-01-2026
01-01-1994 tot: -
J.C.A. de Poorter
T&C Awb, commentaar op art. 3:4 Awb
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
belangenafweging
evenredigheidsbeginsel
Algemene wet bestuursrecht artikel 3:4
1. Algemeen
Lid 1 is een codificatie van de tot het zorgvuldigheidsbeginsel behorende norm, dat een bestuursorgaan de verschillende bij een besluit betrokken belangen bij zijn besluitvorming moet betrekken. Lid 1 is in zeker opzicht complementair aan art. 3:3. Waar laatstgenoemde bepaling verbiedt om een beslissingsbevoegdheid te gebruiken voor andere doeleinden of belangen dan waarvoor die bevoegdheid geschapen is, scherpt art. 3:4 lid 1 het bestuur in dat binnen de ruimte die de wet daarvoor laat, in beginsel alle relevante belangen die door te nemen beslissing zullen worden geraakt, mee moeten worden gewogen (MvT, Parl. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.