V-N 1999/52.16
PREMIEHEFFING. ALGEMENE BEGINSELEN VAN BEHOORLIJK BESTUUR Volksverzekeringen. Niet-ingezetene VUT-gerechtigde niet in Nederland verzekerd voor de volksverzekeringen
HR 27-10-1999, ECLI:NL:PHR:1999:AA2931, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
27 oktober 1999
- Magistraten
Ilsink; Jansen, R.J.J.; Vliet, van; Amersfoort, van; Lourens
- Zaaknummer
342
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- LJN
AA2931
- JCDI
JCDI:ADS900441:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Premieheffing (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1999:AA2931, Uitspraak, Hoge Raad, 27‑10‑1999
ECLI:NL:PHR:1999:AA2931, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 27‑10‑1999
- Wetingang
Art. 6 AKW; art. 8 KB 164
Essentie
PREMIEHEFFING. ALGEMENE BEGINSELEN VAN BEHOORLIJK BESTUUR Volksverzekeringen. Niet-ingezetene VUT-gerechtigde niet in Nederland verzekerd voor de volksverzekeringen
Samenvatting
Belanghebbende X was tot 1 augustus 1992 in Nederland werkzaam en woonachtig; ingaande die datum is hij gerechtigd geworden tot een VUT-uitkering en naar Marokko geëmigreerd. X betoogt dat hij als VUT-gerechtigde verzekerd behoort te blijven in Nederland en aldus gerechtigd wordt tot een AKW-uitkering ten behoeve van zijn kinderen.
De Hoge Raad is van oordeel dat art. 6, eerste lid, onderdeel b, AKW uitsluitend de niet-ingezetenen die in echte dienstbetrekking in Nederland werkzaam zijn onder de verzekeringsplicht brengt; daarvan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.