Einde inhoudsopgave
Besluit verkoop onder voorwaarden
Bijlage
Geldend
Geldend vanaf 24-09-2014
- Bronpublicatie:
11-09-2014, Stcrt. 2014, 26406 (uitgifte: 23-09-2014, regelingnummer: BLKB2014/112M)
- Inwerkingtreding
24-09-2014
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
11-09-2014, Stcrt. 2014, 26406 (uitgifte: 23-09-2014, regelingnummer: BLKB2014/112M)
- Vakgebied(en)
Belastingen van rechtsverkeer / Overdrachtsbelasting
Omzetbelasting / Vrijstelling
bij besluit nr. BLKB2014/112M
1. Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van een woning/vestiging van een beperkt zakelijk recht binnen twee jaar na eerste ingebruikneming, gevolgd door terugkoop door ondernemer na afloop van de tweejaarstermijn, met verrekening van koperskorting en waardeontwikkeling tussen koper en ondernemer (bedragen zijn in euro en inclusief btw)
Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij terugkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij terugkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht | ||
|---|---|---|---|
Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 |
Te betalen door (1e) koper | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000 |
Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | ||
Marktwaarde bij terugkoop | 200.000 | Marktwaarde bij terugkoop | 150.000 |
Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000 |
Af: aandeel ondernemer in waardestijging (stel 30% van 30.000) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000 |
Te betalen door ondernemer | 157.000 | Te betalen door ondernemer | 122.000 |
Door ondernemer verschuldigde OVB bij terugkoop: 2% × 166.0001. = 3.320 | Door ondernemer verschuldigde OVB bij terugkoop: 2% x 122.0002. =2.440 |
2. Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van woning/beperkt zakelijk recht binnen twee jaar na eerste ingebruikneming, gevolgd door doorverkoop door koper aan derde na afloop van de tweejaarstermijn, maar binnentien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht, met verrekening van koperskorting en waardeontwikkeling tussen koper en ondernemer (bedragen zijn in euro en inclusief btw)
Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij doorverkoop door koper binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij doorverkoop door koper binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht | ||
|---|---|---|---|
Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 |
Te betalen door (1e) koper | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000 |
Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | ||
Marktwaarde bij doorverkoop | 200.000 | Marktwaarde bij doorverkoop | 150.000 |
Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000 |
Af: aandeel ondernemer in waardestijging (stel 30% van 30.000) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000 |
Door 1e koper aan ondernemer te betalen wegens verrekening koperskorting + winstaandeel bij doorverkoop: 43.000 (34.000 + 9.000) | Door 1e koper aan ondernemer te betalen wegens verrekening koperskorting + verliesaandeel bij doorverkoop: 28.000 (34.000 − 6.000) | ||
Door ondernemer verschuldigde btw over koperskorting bij doorverkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht: 21/121 × 34.000 = 5.900 (zie onderdeel 2.1, voorwaarde f, van het besluit) | Door ondernemer verschuldigde btw over koperskorting bij doorverkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht: 21/121 × 34.000 = 5.900 (zie onderdeel 2.1, voorwaarde f, van het besluit) | ||
Door 2e koper verschuldigde OVB bij doorverkoop: 2% × 200.000 = 4.000 Deze verkoop vindt onder normale voorwaarden plaats | Door 2e koper verschuldigde OVB bij doorverkoop: 2% × 150.000 = 3.000 Deze verkoop vindt onder normale voorwaarden plaats |
3. Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van woning/beperkt zakelijk recht binnen twee jaar na de eerste ingebruikneming, gevolgd door terug- en doorverkoop via VOV-concept door ondernemer binnen twee jaar na de eerste ingebruikneming, met verrekening van koperskorting en waardeontwikkeling tussen koper en ondernemer (bedragen zijn in euro en inclusief btw)
Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij terug- en doorverkoop door ondernemer binnen 2-jaarstermijn | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij terug- en doorverkoop door ondernemer binnen 2-jaarstermijn | ||
|---|---|---|---|
Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 |
Te betalen door (1e) koper/ | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000 |
Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | ||
Marktwaarde bij terugkoop: | 200.000 | Marktwaarde bij terugkoop | 150.000 |
Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000 |
Af: aandeel ondernemer in waardeontwikkeling (stel 30%) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000 |
Te betalen door ondernemer | 157.000 | Te betalen door ondernemer | 122.000 |
Bij terugkoop door ondernemer verschuldigde OVB: 2% × 166.000 (200.000 − 34.000) = 3.320 (Zie goedkeuring in onderdeel 3.1 van het besluit) | Bij terugkoop door ondernemer verschuldigde OVB: 2% × 122.000 =2.440 (Zie goedkeuring in onderdeel 3.1 van het besluit) | ||
Marktwaarde bij tweede verkoop/vestiging zakelijk recht | 200.000 | Marktwaarde bij tweede verkoop/vestiging zakelijk recht | 150.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 40.000 | Af: koperskorting (stel 10%) | 15.000 |
Te betalen door (2e) koper | 160.000 | Te betalen door (2e) koper | 135.000 |
Bij tweede verkoop onder voorwaarden binnen 2-jaarstermijn door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 24.000 (160.000 − 136.000) = 4.165 (Zie goedkeuring in onderdeel 3.1 van het besluit) | Bij tweede verkoop onder voorwaarden binnen 2-jaarstermijn hoeft ondernemer geen btw te voldoen omdat de marktwaarde minus koperskorting bij de tweede verkoop (135.000) lager is dan de marktwaarde minus koperskorting bij de eerste verkoop (136.000) |
4. Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van woning/beperkt zakelijk recht binnen twee jaar na eerste ingebruikneming, gevolgd door doorverkoop door koper aan derde binnen de tweejaarstermijn, met verrekening van koperskorting en waardeontwikkeling tussen koper en ondernemer (bedragen zijn in euro en inclusief btw)
Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij doorverkoop door koper binnen 2-jaarstermijn | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij doorverkoop door koper binnen 2-jaarstermijn | ||
|---|---|---|---|
Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 |
Te betalen door (1e) koper | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000 |
Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | ||
Marktwaarde bij doorverkoop | 200.000 | Marktwaarde bij doorverkoop | 150.000 |
Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000 |
Af: aandeel ondernemer in waardeontwikkeling (stel 30% van 30.000) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000 |
Door 1e koper aan ondernemer te betalen wegens verrekening koperskorting + winstaandeel bij doorverkoop: 43.000 (34.000 + 9.000) | Door 1e koper aan ondernemer te betalen wegens verrekening koperskorting + verliesaandeel bij doorverkoop: 28.000 (34.000 − 6.000) | ||
Door ondernemer verschuldigde btw over koperskorting bij doorverkoop: 21/121 × 34.000 = 5.900 (zie onderdeel 2.1, voorwaarde f, van het besluit) | Door ondernemer verschuldigde btw over koperskorting bij doorverkoop: 21/121 × 34.000 = 5.900 (zie onderdeel 2.1, voorwaarde f, van het besluit) | ||
Door 2e koper verschuldigde OVB: 2% × 200.000 = 4.000 (Deze verkoop vindt onder normale voorwaarden plaats) | Door 2e koper verschuldigde OVB: 2% × 150.000 = 3.000 (Deze verkoop vindt onder normale voorwaarden plaats) |
5. Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van woning/beperkt zakelijk recht, gevolgd door terugkoop door ondernemer en doorverkoop door ondernemer onder normale voorwaarden buiten de tweejaarstermijn, maar binnentien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht (bedragen zijn in euro en inclusief btw)
Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij terugkoop later dan twee jaar na eerste ingebruikneming | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij terugkoop later dan twee na eerste ingebruikneming | ||
|---|---|---|---|
Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 |
Te betalen door (1e) koper | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000 |
Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | ||
Marktwaarde bij terug- of doorverkoop | 200.000 | Marktwaarde bij terug- of doorverkoop | 150.000 |
Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000 |
Af: aandeel ondernemer in waardeontwikkeling (stel 30%) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000 |
Te betalen door ondernemer | 157.000 | Te betalen door ondernemer | 122.000 |
Bij terugkoop door ondernemer verschuldigde OVB: 2% × 166.000 = 3.320 Geen btw-heffing omdat de verkoper geen ondernemer is | Bij terugkoop door ondernemer verschuldigde OVB: 2% × 122.000 =2.440 Geen btw-heffing omdat de verkoper geen ondernemer is | ||
Door 2e koper verschuldigde OVB bij doorverkoop: 2% × 200.000 = 4.000 Geen btw-heffing i.v.m. levering buiten tweejaarstermijn | Door 2e koper verschuldigde OVB bij doorverkoop: 6% × 150.000 = 3.000 Geen btw-hefffing i.v.m. levering buiten tweejaarstermijn |
6. Heffing van btw en OVB bij eerste verkoop onder voorwaarden van nieuwe woning/beperkt zakelijk recht, gevolgd door doorverkoop door koper na afloop van tweejaarstermijn, maar binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht (bedragen zijn in euro en inclusief btw)
Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij doorverkoop door koper na afloop van tweejaarstermijn | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij doorverkoop door koper na afloop van tweejaarstermijn | ||
|---|---|---|---|
Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 |
Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 |
Te betalen door (1e) koper | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000 |
Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 × 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | ||
Marktwaarde bij doorverkoop | 200.000 | Marktwaarde bij doorverkoop | 150.000 |
Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000 |
Af: aandeel ondernemer in waardeontwikkeling (stel 30%) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000 |
Door 1e koper aan ondernemer te betalen wegens verrekening koperskorting + winstaandeel bij doorverkoop: 43.000 (34.000 + 9.000) | Door 1e koper aan ondernemer te betalen wegens verrekening koperskorting + verliesaandeel bij doorverkoop: 28.000 (34.000 − 6.000) | ||
Door ondernemer verschuldigde btw over koperskorting bij doorverkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht: 21/121 × 34.000 = 5.900 (zie onderdeel 2.1, voorwaarde f, van het besluit) | Door ondernemer verschuldigde btw over koperskorting bij doorverkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht: 21/121 × 34.000 = 5.900 (zie onderdeel 2.1, voorwaarde f, van het besluit) | ||
Door 2e koper verschuldigde OVB bij doorverkoop: 2% × 200.000 = 4.000 (Deze verkoop vindt onder normale voorwaarden plaats) | Door 2e koper verschuldigde OVB bij doorverkoop: 2% × 150.000 = 3.000 (Deze verkoop vindt onder normale voorwaarden plaats) |
Voetnoten
In alle voorbeelden wordt ervan uitgegaan dat artikel 13, eerste lid, van de WBR niet van toepassing is. De verplichting tot terugbetaling van de koperskorting door de koper aan de ondernemer vormt een waardedrukkende factor voor de heffing van overdrachtsbelasting (zie onderdeel 2.2 van het besluit). De grondslag voor de heffing van OVB is (200.000− 34.000)= 166.000 (zie onderdeel 4 van het besluit). Het aandeel van de ondernemer in de waardestijging vormt geen waardedrukkende factor.
De grondslag voor de heffing van OVB is (150.000 − 34.000)= 116.000. De maatstaf van heffing bedraagt echter niet minder dan de tegenprestatie. Er wordt dus OVB geheven over 122.000 (zie onderdeel 3.1 van het besluit).