Einde inhoudsopgave
Regeling nucleaire drukapparatuur
Artikel 2
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2025
- Redactionele toelichting
Voorheen art. 17. Herplaatst als regeling van 12-11-2024, Stcrt. 37147.
- Bronpublicatie:
14-10-2024, Stcrt. 2024, 33947 (uitgifte: 21-10-2024, regelingnummer: IENW/BSK-2024/295515)
- Inwerkingtreding
01-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-11-2024, Stb. 2024, 394 (uitgifte: 12-12-2024, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Afhankelijke geldigheid
Treedt tegelijk in werking met het KB van 02-09-2024, Stb. 265.
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Straling
Milieurecht / Energie
Energierecht (V)
1.
Het in artikel 21, eerste lid, van het Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen gestelde verbod geldt mede voor gebruik in een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet, van door de Minister aangewezen niet speciaal voor nucleair gebruik in een dergelijke inrichting ontworpen drukapparatuur die bij defecten de verspreiding van radioactiviteit kan veroorzaken.
2.
Ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde drukapparatuur is artikel 21, tweede, derde en vierde lid, aanhef en onderdeel a, onder 3°, en onderdeel b, vijfde lid en zevende en achtste lid, van het Besluit kerninstallaties splijtstoffen en ertsen van overeenkomstige toepassing.
3.
Deze regeling is niet van toepassing op drukapparatuur waarop de Regeling vervoerbare drukapparatuur 2011 van toepassing is.