Einde inhoudsopgave
Brancherichtlijn politie 2023
9 Opleiding, herhalingsinstructie en aanwijzing
Geldend
Geldend vanaf 21-10-2023. Let op: treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 01-01-2023
- Bronpublicatie:
26-06-2023, Stcrt. 2023, 28692 (uitgifte: 20-10-2023, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
21-10-2023, terugwerkend tot: 01-01-2023
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
26-06-2023, Stcrt. 2023, 28692 (uitgifte: 20-10-2023, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Verkeersrecht / Inrichting wegverkeer
Verkeersrecht / Aansprakelijkheid
- •
Alle executieve politieambtenaren, die zijn belast met een uitvoerende politietaak en daarbij mogelijk gebruik moeten maken van optische en geluidssignalen volgen, na hun politie specifieke basis-rijopleiding, eenmaal in de drie jaar een Politie Rijvaardigheid Training om hun beroepsvaardigheden op het gebied van rijvaardigheid te toetsen, actueel op peil te brengen en te houden. De inhoud van de Politie Rijvaardigheid Training wordt landelijk vastgesteld.
- •
Bestuurders van de politievoertuigen in gebruik bij de hierboven genoemde specialistische eenheden en bestuurders van het snelle interventievoertuig (SIV), dienen daarvoor een rijopleiding te hebben gevolgd, conform de competenties zoals die door de Politieacademie zijn beschreven. Differentiatie in de doelgroep van de rijopleiding is daarbij mogelijk. Deze bestuurders volgen minimaal eenmaal in de twee jaar een applicatietraining waarmee de rijvaardigheidscompetenties voor hun specialistische eenheid worden onderhouden en, waar nodig, verder uitgebreid.
- •
De korpschef van politie wijst een persoon of groepen personen aan, die daartoe ingerichte motorvoertuigen met inwerking[lees: in werking] zijnde optische en geluidsignalen mogen besturen.
Oefenen met het rijden met optische en geluidssignalen (oefenritten O&G)
In de opleidingen en trainingen voor executief personeel wordt aandacht besteed aan het daadwerkelijk rijden met optische en geluidssignalen. Tijdens deze trainingen meldt de eenheid zich in bij het Operationeel Centrum. Met het Operationeel Centrum worden afspraken gemaakt over de wijze waarop het instructievoertuig kan worden ingezet of meerijdt op prio 1 meldingen. Indien het instructievoertuig als eerste ter plaatse is wordt daadwerkelijk opgetreden.
Bedoelde oefenritten O&G zijn uitsluitend toegestaan onder toezicht van een docent van de politie en alleen in een voertuig uitgerust met dubbele bediening, met uitzondering van een motorfiets. Indien er sprake is van rijonderricht is deze docent in het bezit van het diploma Politie Rijinstructeur.
Rijonderricht door een (gast)docent is toegestaan indien die in opdracht en onder verantwoordelijkheid van de Politieacademie rijopleidingen en in opdracht van en onder verantwoordelijkheid van de Dienst HRM/-OBT rijtrainingen verzorgt in een voertuig uitgerust met dubbele bediening. Indien er sprake is van rijonderricht is deze (gast)docent in het bezit van een geldig certificaat Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 en een geldige optische en geluidssignalen pas+ (kortweg: OGS+).
Bij het rijden van deze oefenritten moet bovendien worden voldaan aan de voorwaarden die gesteld zijn in de vrijstelling voor het op de openbare weg krijgen of geven van rijonderricht in het besturen van een voorrangsvoertuig (BSK-2015/51943).
Buitengewone omstandigheden
In buitengewone omstandigheden kan de korpschef afzonderlijk besluiten tijdelijk van in hoofdstuk 9 genoemde voorschriften af te wijken.