Einde inhoudsopgave
Wet belastingen op milieugrondslag
Artikel 71i
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2025
- Bronpublicatie:
18-12-2024, Stb. 2023, 505 jo Stb. 2024, 434 (uitgifte: 23-12-2024, kamerstukken: 36602)
20-12-2023, Stb. 2023, 505 jo Stb. 2024, 434 (uitgifte: 27-12-2023, kamerstukken: 36426)
- Inwerkingtreding
01-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
20-12-2023, Stb. 2023, 505 (uitgifte: 27-12-2023, kamerstukken: 36426)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
- Vakgebied(en)
Milieubelastingen (V)
Dit hoofdstuk is van toepassing op industriële installaties met uitzondering van broeikasgasinstallaties van een glastuinbouwbedrijf of energiebedrijf voor glastuinbouw waarop hoofdstuk VIC van toepassing is en broeikasgasinstallaties die direct of indirect uitsluitend worden geëxploiteerd voor:
- a.
stadsverwarming;
- b.
het verwarmen of koelen van ruimten van gebouwen of locaties, daaronder begrepen het nagenoeg uitsluitend verwarmen of koelen van ruimten van gebouwen of locaties, en de meetbare warmte niet wordt gebruikt voor de productie van producten en daarmee verband houdende activiteiten; of
- c.
het opwekken van elektriciteit zonder het gebruik van restgassen als brandstof.