Einde inhoudsopgave
Voorzieningenstelsel buitenland defensiepersoneel
Artikel 7 Toelage buitenland defensieambtenaren
Geldend
Geldend vanaf 26-07-2017
- Bronpublicatie:
12-07-2017, Stcrt. 2017, 42577 (uitgifte: 26-07-2017, regelingnummer: BS2017020279)
- Inwerkingtreding
26-07-2017
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
12-07-2017, Stcrt. 2017, 42577 (uitgifte: 26-07-2017, regelingnummer: BS2017020279)
- Vakgebied(en)
Ambtenarenrecht / Arbeidsvoorwaarden
Ambtenarenrecht / Vergoeding
1.
Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:
- a.
gehuwd, gezin met kinderen aldaar
de gehuwde defensieambtenaar die met zijn echtgenoot en kinderen woonachtig is in het land van plaatsing dan wel de alleenstaande ouder die met zijn kinderen woonachtig is in het land van plaatsing;
- b.
gehuwd, gezin zonder kinderen aldaar
de gehuwde defensieambtenaar die met zijn echtgenoot woonachtig is in het land van plaatsing;
- c.
gehuwd, gezin niet aldaar
de gehuwde defensieambtenaar, waarvan geen enkel gezinslid in het land van plaatsing woonachtig is, en die in het land van plaatsing huisvesting en voeding van rijkswege geniet;
- d.
gehuwd, gezin niet aldaar, zelfstandig woonachtig aldaar
de gehuwde defensieambtenaar, waarvan geen enkel gezinslid in het land van plaatsing woonachtig is, en die metterwoon gevestigd is in het land van plaatsing;
- e.
ongehuwd
de ongehuwde defensieambtenaar die in het land van plaatsing huisvesting en voeding van rijkswege geniet;
- f.
ongehuwd en zelfstandig woonachtig aldaar
de ongehuwde defensieambtenaar die metterwoon gevestigd is in het land van plaatsing.
2.
De defensieambtenaar met aanspraak op salaris die is geplaatst in een gebied buiten Nederland heeft aanspraak op een toelage-buitenland bestaande uit:
- a.
een koopkrachtcomponent bestaande uit een percentage, indien deze positief is, en
- b.
een verblijfscomponent bestaande uit een percentage, beide berekend over het voor belanghebbende geldende standaard netto Nederland, en
- c.
een verplaatsingcomponent bestaande uit een nominaal bedrag.
3.
Alle in het tweede lid genoemde componenten worden vastgesteld met toepassing van tabel 1.
4.
Indien er in een bepaald gebied sprake is van een verblijfscomponent die meer dan 10 punten hoger is dan de verblijfscomponent in de hoofdstad dan wel duurdere stad, dan wordt de verblijfscomponent voor de defensieambtenaar die in dat gebied woonachtig is, gebaseerd op dat gebied.
5.
Uitgezonderd van de aanspraak op een toelage-buitenland is de defensieambtenaar die is geplaatst in een gebied buiten Nederland en naar het oordeel van de Minister in de gelegenheid is dagelijks te reizen tussen de woonplaats van zijn gezinsleden in Nederland en de plaats waar hij de dienst verricht, dan wel tussen zijn woonplaats in Nederland en de plaats waar hij de dienst verricht.
6.
Artikel 3, derde lid, van het Inkomstenbesluit militairen wordt niet toegepast op de verplaatsingscomponent bij deeltijdverlof of ouderschapsverlof, evenmin wordt de verplaatsingscomponent voor de burgerambtenaar met een deeltijdaanstelling of ouderschapsverlof naar evenredigheid gekort.