Einde inhoudsopgave
Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
Artikel 2.1.6 Onkostenvergoeding
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
12-12-2025, Stcrt. 2025, 40678 (uitgifte: 17-12-2025, regelingnummer: 2025-0000660061)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
12-12-2025, Stcrt. 2025, 40678 (uitgifte: 17-12-2025, regelingnummer: 2025-0000660061)
- Vakgebied(en)
Ambtenarenrecht / Bijzondere onderwerpen
Staatsrecht / Decentralisatie
1.
Een statenlid ontvangt met ingang van de dag van zijn beëdiging gedurende zijn lidmaatschap van provinciale staten een onkostenvergoeding voor de aan de uitoefening van het statenlidmaatschap verbonden kosten van € 223,50 per maand.
2.
Een statenlid dat in de loop van een maand is beëdigd of in de loop van een maand is afgetreden of overleden, ontvangt de onkostenvergoeding naar evenredigheid van de periode van uitoefening van het lidmaatschap in de bedoelde maand.
3.
Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek vastgestelde consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan die datum ten opzichte van hetzelfde indexcijfer geldend voor de maand september van het daaraan voorafgaande kalenderjaar.