Einde inhoudsopgave
Mededeling 2021/C 497/02 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op kortlopende exportkredietverzekering
10
Geldend
Geldend vanaf 10-12-2021
- Redactionele toelichting
De datum van inwerkingtreding en de datum van publicatie is de datum van het Publicatieblad.
- Bronpublicatie:
10-12-2021, PbEU 2021, C 497 (uitgifte: 10-12-2021, regelingnummer: 2021/C 497/02)
- Inwerkingtreding
10-12-2021
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
10-12-2021, PbEU 2021, C 497 (uitgifte: 10-12-2021, regelingnummer: 2021/C 497/02)
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / EU-mededingingsrecht
Staatssteun (V)
Belastingen van rechtsverkeer / Assurantiebelasting
Voor de toepassing van deze mededeling wordt verstaan onder:
- 1)
‘exportkredietverzekering’: een verzekeringsproduct waarbij de verzekeraar verzekeringsdekking aanbiedt tegen een commercieel of politiek risico, of beide, met betrekking tot betalingsverplichtingen bij een exporttransactie;
- 2)
‘particuliere kredietverzekeraar’: een onderneming of organisatie niet zijnde een publieke verzekeraar die exportkredietverzekering aanbiedt;
- 3)
‘publieke verzekeraar’: een onderneming of andere organisatie die met de steun van of namens een lidstaat exportkredietverzekering aanbiedt, of een lidstaat die zelf exportkredietverzekering aanbiedt;
- 4)
‘verhandelbare risico's’: commerciële of politieke risico's, of beide, met een maximale risicoduur van minder dan twee jaar die berusten bij overheids- en niet-overheidsafnemers in de in de bijlage genoemde landen; alle overige risico's gelden voor de toepassing van deze mededeling als onverhandelbaar;
- 5)
‘commerciële risico's’: onder meer de volgende risico's:
- a)
willekeurige opzegging van een contract door een afnemer, d.w.z. een willekeurig besluit van een niet-overheidsafnemer om het contract zonder gegronde redenen op te schorten of te beëindigen;
- b)
willekeurige weigering zonder gegronde redenen van een niet-overheidsafnemer om de contractgoederen te accepteren;
- c)
insolventie van een niet-overheidsafnemer en zijn garant;
- d)
voortgezette non-betaling (protracted default), d.w.z. de niet-betaling door een niet-overheidsafnemer en zijn garant van een uit het contract voortvloeiende schuld;
- 6)
‘politieke risico's’: onder meer de volgende risico's:
- a)
het risico dat een overheidsafnemer of een land de uitvoering van een transactie belet of niet tijdig betaalt;
- b)
een niet aan een individuele afnemer toe te rekenen risico of een risico dat buiten de verantwoordelijkheid van de individuele afnemer valt;
- c)
het risico dat een land de door in dat land gevestigde afnemers betaalde bedragen niet naar het land van de verzekerde transfereert;
- d)
het risico dat een geval van overmacht zich voordoet buiten het land van de verzekeraar, waarbij het onder meer kan gaan om op oorlog gelijkende handelingen, voor zover de effecten daarvan niet anderszins zijn verzekerd;
- 7)
‘risicoduur’: de fabricatietermijn plus de krediettermijn;
- 8)
‘fabricatietermijn’: de periode tussen het tijdstip van bestelling en de levering van de goederen of diensten;
- 9)
‘krediettermijn’: de termijn die de afnemer krijgt om de geleverde goederen en diensten te betalen in het kader van een exportkrediettransactie;
- 10)
‘dekking eentransactierisico’: verzekering van alle omzet op één afnemer of van één specifiek contract met één afnemer;
- 11)
‘herverzekering’: vorm van verzekering die een verzekeraar afsluit bij een andere verzekeraar ter beheersing van zijn risico door zijn eigen risico te verminderen;
- 12)
‘coassurantie’: het percentage van alle verzekerde schade dat niet door de verzekeraar wordt vergoed, maar dat voor rekening komt van een andere verzekeraar;
- 13)
‘quotencontract’: herverzekeringscontract waarbij een verzekeraar zich ertoe heeft verplicht om een bepaald percentage van elk risico dat door hem binnen een gedefinieerde verzekeringscategorie is geaccepteerd, in herverzekering over te dragen aan de herverzekeraar, en de herverzekeraar zich ertoe heeft verplicht dit in herverzekering te accepteren;
- 14)
‘top-up-dekking’: aanvullende dekking bovenop een door een andere verzekeraar vastgestelde kredietlimiet;
- 15)
‘polis met volledige omzetdekking’: een kredietverzekeringspolis die niet de dekking van een eentransactierisico betreft, d.w.z. een kredietverzekeringspolis die alle of de meeste van de verkopen op krediet van de verzekerde dekt, alsmede handelsvorderingen uit verkopen aan meer dan één afnemer.