Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2023/2631 betreffende Europese groene obligaties en optionele openbaarmakingen voor obligaties die als ecologisch duurzame obligaties op de markt worden gebracht en voor aan duurzaamheid gekoppelde obligaties
Artikel 35 Belangenconflicten en vertrouwelijk karakter van informatie
Geldend
Geldend vanaf 20-12-2023
- Bronpublicatie:
22-11-2023, PbEU L 2023, 2023/2631 (uitgifte: 30-11-2023, regelingnummer: 2023/2631)
- Inwerkingtreding
20-12-2023
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
22-11-2023, PbEU L 2023, 2023/2631 (uitgifte: 30-11-2023, regelingnummer: 2023/2631)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Europees financieel recht
Milieurecht / Algemeen
1.
Externe toetsingsinstanties zorgen voor het identificeren, wegwerken of beheren en op transparante wijze openbaar maken in hun toetsingen van daadwerkelijke of potentiële belangenconflicten die betrekking hebben op:
- a)
hun analisten of werknemers;
- b)
aandeelhouders die ten minste 10 % van het kapitaal of de stemrechten bezitten van de externe toetsingsinstanties of in een onderneming die zeggenschap of een dominante invloed kan uitoefenen over de externe toetsingsinstanties;
- c)
personen met een contractuele relatie met de externe toetsingsinstanties en die rechtstreeks bij beoordelingswerkzaamheden zijn betrokken, of
- d)
personen die de toetsingen goedkeuren.
2.
Alvorens een contract met een uitgevende instelling voor het verrichten van diensten te sluiten, voert de externe toetsingsinstantie een precontractuele beoordeling uit om na te gaan of er sprake is van een daadwerkelijk of potentieel belangenconflict, en documenteert zij die beoordeling. De externe toetsingsinstantie actualiseert de precontractuele beoordeling en de bijbehorende documentatie wanneer zich na de sluiting van het contract tussen de externe toetsingsinstantie en de uitgevende instelling een wezenlijke wijziging in het risico van een belangenconflict voordoet.
De externe toetsingsinstantie geeft geen toetsing af wanneer zij een daadwerkelijk belangenconflict vaststelt en de externe toetsingsinstantie niet in staat is maatregelen te nemen om dat belangenconflict weg te werken of te beheren.
3.
Vergoedingen die externe toetsingsinstanties voor beoordelingsdiensten berekenen, zijn niet afhankelijk van het resultaat van de toetsingen, of van andere resultaten of uitkomsten van de verrichte werkzaamheden.
4.
Analisten, werknemers van de externe toetsingsinstantie en andere rechtstreeks bij beoordelingswerkzaamheden betrokken personen met een contractuele relatie met de externe toetsingsinstanties zijn door het beroepsgeheim gebonden.
5.
Externe toetsingsinstanties zien erop toe dat hun analisten en werknemers of andere rechtstreeks bij beoordelingswerkzaamheden betrokken personen met een contractuele relatie met de externe toetsingsinstanties aan het volgende voldoen:
- a)
zij nemen alle redelijke maatregelen om eigendommen en gegevens in het bezit van de externe toetsingsinstantie tegen fraude, diefstal of misbruik te beschermen, gelet op de aard, schaal en complexiteit van hun bedrijf en de aard en het scala van hun beoordelingswerkzaamheden;
- b)
zij verlenen geen inzage in informatie over toetsingen en over mogelijke toekomstige toetsingen aan andere partijen dan de uitgevende instellingen die de beoordeling door de externe toetsingsinstantie hebben gevraagd;
- c)
zij gebruiken of delen geen vertrouwelijke informatie voor andere doeleinden dan voor beoordelingswerkzaamheden.