Einde inhoudsopgave
Tijdelijke regeling bestuursrecht
Artikel 9 Het vooronderzoek en de sluiting van het onderzoek zonder (nadere) zitting
Geldend
Geldend vanaf 20-04-2020
- Redactionele toelichting
Deze regeling geldt voor de duur van de geldigheid van de Algemene regeling zaaksbehandeling Rechtspraak.
- Bronpublicatie:
20-04-2020, Internet 2020, www.rechtspraak.nl (uitgifte: 20-04-2020, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
20-04-2020
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
20-04-2020, Internet 2020, www.rechtspraak.nl (uitgifte: 20-04-2020, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Corona (V)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Aanvullend op artikel2.20 van de reglementen, toepassing van artikelen 8:43, 8:45 en 8:57 van de Awb
1.
De bestuursrechter onderzoekt in de zaken bedoeld in artikel 2.2 van de Algemene regeling en bedoeld in artikel 2, tweede en derde lid, of hij tot een uitspraak kan komen zonder zitting. Hij beoordeelt daarbij of hij toepassing geeft aan artikel 8:43 van de Awb (repliek, dupliek en schriftelijke uiteenzetting) en/of artikel 8:45 van de Awb (verzoek om schriftelijke inlichtingen).
2.
Indien de bestuursrechter (vervolgens) voornemens is het onderzoek te sluiten zonder (nadere) zitting, wijst hij partijen per veilige e-mail of telefonisch op hun recht om op zitting te worden gehoord. Hij wijst partijen op de mogelijkheid om binnen één week te verklaren dat zij gebruik willen maken van dit recht. De mededeling als bedoeld in artikel 2.20, tweede lid, van de reglementen geschiedt uiterlijk gelijktijdig met de bekendmaking van de uitspraak.