Einde inhoudsopgave
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Artikel 67c [(Gedeeltelijk) niet of te laat betalen van belasting]
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Redactionele toelichting
Vindt voor het eerst toepassing op beboetbare gedragingen die zijn begaan op of na 01-01-2026.
- Bronpublicatie:
04-12-2025, Stb. 2025, 431 (uitgifte: 12-12-2025, kamerstukken: 36735)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
04-12-2025, Stb. 2025, 431 (uitgifte: 12-12-2025, kamerstukken: 36735)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Justitie
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Boete
1.
Indien de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige de belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, gedeeltelijk niet, dan wel niet binnen de in de belastingwet gestelde termijn heeft betaald, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 6.709 kan opleggen.
2
Bij niet of gedeeltelijk niet betalen legt de inspecteur de boete op, gelijktijdig met de vaststelling van de naheffingsaanslag.
3
De bevoegdheid tot het opleggen van de boete wegens niet tijdig betalen vervalt door verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de belastingschuld is ontstaan.
4
Artikel 20, eerste lid, tweede zin, en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.