Einde inhoudsopgave
Besluit BTW-tarieftoepassing ten aanzien van sierteeltproducten
Tekst
Geldend
Geldend vanaf 14-04-1999
- Bronpublicatie:
14-04-1999, Financiën 1999, 000 (uitgifte: 14-04-1999, regelingnummer: VB/1999/629)
- Inwerkingtreding
14-04-1999
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
14-04-1999, Financiën 1999, 000 (uitgifte: 14-04-1999, regelingnummer: VB/1999/629)
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
1
Paragraaf 3 en paragraaf 4 van de in het Voorschrift Tabel I opgenomen toelichting op post a 48 (sierteeltprodukten, te weten: bloembollen, bloemen, planten en boomkwekerijprodukten) worden met ingang van 1 mei 1999 als volgt gewijzigd (de gewijzigde passages zijn onderstreept):
§ 3. Bloemen
Onder bloemen kunnen naast de verse snijbloemen mede bloemen in gedroogde staat worden begrepen. Voorts kunnen onder bloemen worden begrepen orchideeën, anthuriums, en dergelijke gevat in glazen of plastic buisjes voorzien van een rubber dop, verpakt in kartonnen doosjes al of niet voorzien van een cellofaan venster.
Geverfde bloemen (zowel verse snijbloemen als gedroogde bloemen) zijn niet als bloemen in de zin van de post (producten van de sierteelt) te beschouwen en vallen als zodanig niet onder de post. Ook gedroogde plantaardige producten, al dan niet geverfd, zoals takken, twijgen, grassoorten, graansoorten, vruchten, papaverbollen, denneappeltjes op tak, maïskolven en soortgelijke goederen, zijn niet onder de post te rangschikken.
Evenmin kunnen met geurstoffen gearomatiseerde melanges van gedroogd plantenmateriaal (gedroogde bloemknopjes en -blaadjes) die in een open schaal plegen te worden gestrooid ten einde een aangename geur te verspreiden, onder de post worden gerangschikt.
Kunstbloemen (uit zijde, hout, plastic e.d. vervaardigde bloemen) vallen uiteraard niet onder de post.
§ 4. Bloemstukken
Bloemstukken behoren in beginsel niet tot de producten van de sierteelt (bloembollen, bloemen, planten en boomkwekerijproducten). Dit is evenmin het geval met bij voorbeeld bloemwerken, kerststukjes, feestkransen, grafkransen, graftakken en dergelijke werken, die zijn samengesteld uit verse, geprepareerde of gedroogde bloemen, bladeren, takken, schors, en dergelijke, eventueel in combinatie met levende planten.
Aangezien bloemstukken, bloemwerken, en dergelijke naar maatschappelijke opvattingen één goed vormen, verliezen de samenstellende delen hun zelfstandigheid en kan ook ten aanzien van die delen het verlaagde tarief geen toepassing vinden. Het ontmoet echter geen bezwaar, dat kleinhandelaren die bloemstukken, bloemwerken en dergelijke zelf samenstellen, bij de toepassing van artikel 16 van het Uitvoeringsbesluit uitgaan van de inkopen van de samenstellende delen zonder inachtneming van artikel 17 van dat besluit.
Het vorenstaande komt er op neer, dat het tarief dat drukt op de afzonderlijke inkoop van de bijvoorbeeld in een bloemstuk te verwerken bestanddelen (waaronder sierteeltproducten 6%), uiteindelijk tot uiting komt in de belasting die drukt op de verkoop van het samengestelde bloemstuk. Hieraan is de voorwaarde verbonden dat, ingeval ter zake van de levering van bloemstukken een factuur wordt uitgereikt, deze op overeenkomstige wijze wordt gesplitst. Stuit een zodanige splitsing op ernstige bezwaren, dan dient de vermelding van omzetbelasting op de factuur beperkt te blijven tot 6/106 van het totaal ter zake van de levering van het bloemstuk in rekening gebrachte bedrag, zonder dat dit overigens de berekeningswijze van de af te dragen omzetbelasting beïnvloedt.
De ondernemer die de door hem verschuldigde omzetbelasting voldoet volgens het zgn. factuurstelsel en voor wie derhalve de hiervoor bedoelde berekeningswijze geen toepassing kan vinden, dient in beginsel ter zake van de levering van de bloemstukken de totaal in rekening te brengen vergoeding naar het normale tarief te belasten. In verband met de hiervoor ten aanzien van ondernemers die het zgn. kasstelsel toepassen getroffen regeling, ontmoet het overigens geen bezwaar dat zij in de door hen uit te reiken facturen een overeenkomstige splitsing toepassen en volstaan met voldoening van de aldus berekende omzetbelasting.
Tenslotte wordt goedgekeurd, dat door groothandelaren (veilingen) geleverde eenvoudige bloemstukken en schaaltjes met planten die zijn bestemd om door de kleinhandel zonder verdere be- of verwerking te worden doorverkocht, in hun geheel aan het verlaagde tarief worden onderworpen, ook indien deze producten door de groothandelaar rechtstreeks aan particulieren worden geleverd. Als eenvoudige bloemstukken en schaaltjes met planten zijn in dit verband aan te merken de bloemstukken en schaaltjes met planten die door de groothandelaar worden verkocht voor maximaal f. 15 (exclusief omzetbelasting). Dit geldt zowel voor bloemstukken die uit snijbloemen bestaan als voor droogbloemstukken.
Deze goedkeuring kan ook worden toegepast op planten, coniferen e.d. die in eenvoudige potten, flessen etc. worden geleverd, alsmede op kerststukjes en feest- en grafkransen.
2
Het vorenstaande geldt met ingang van 1 mei 1999. Op het verleden wordt niet teruggekomen.