Einde inhoudsopgave
Richtlijn 2009/16/EG betreffende havenstaatcontrole (Herschikking)
Bijlage VIII Bepalingen betreffende de weigering van toegang tot havens en ankerplaatsen in de Unie
Geldend
Geldend vanaf 05-01-2025
- Bronpublicatie:
27-11-2024, PbEU L 2024, 2024/3099 (uitgifte: 16-12-2024, regelingnummer: 2024/3099)
- Inwerkingtreding
05-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
27-11-2024, PbEU L 2024, 2024/3099 (uitgifte: 16-12-2024, regelingnummer: 2024/3099)
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Rechtshandhaving
Waterrecht (V)
(als bedoeld in artikel 16 en artikel 21, lid 4)
- 1)
Als aan de in artikel 16, lid 1, beschreven voorwaarden wordt voldaan, stelt de bevoegde instantie van de haven waar het schip voor de derde maal is aangehouden, de kapitein van het schip er schriftelijk van in kennis dat een besluit tot weigering van toegang zal worden uitgevaardigd dat onmiddellijk van kracht wordt nadat het schip de haven heeft verlaten. Het besluit tot weigering van toegang wordt onmiddellijk van kracht nadat het schip de haven heeft verlaten na het verhelpen van de tekortkomingen op grond waarvan het werd aangehouden.
- 2)
De bevoegde instantie bezorgt een afschrift van het besluit tot weigering van toegang aan de administratie van de vlaggenstaat, de betrokken erkende organisatie, de andere lidstaten, de andere partijen bij het MoU van Parijs, de Commissie en het secretariaat van het MoU van Parijs. De bevoegde instantie zorgt ervoor dat de informatie betreffende de weigering van toegang onverwijld wordt opgenomen in de inspectiedatabank.
- 3)
Om het besluit tot weigering van toegang te laten intrekken, moet de eigenaar of de exploitant van het schip een formeel verzoek indienen bij de bevoegde instantie van de lidstaat die het besluit tot weigering van toegang heeft opgelegd. Een dergelijk verzoek dient vergezeld te gaan van een document dat door de administratie van de vlaggenstaat wordt afgegeven na een bezoek aan boord van een door de administratie van de vlaggenstaat naar behoren gemachtigde inspecteur, waarin wordt aangetoond dat het schip volledig aan de eisen in de toepasselijke bepalingen van de verdragen voldoet. De administratie van de vlaggenstaat levert aan de bevoegde instantie een bewijs van het uitgevoerde bezoek aan boord. Het document kan de vorm aannemen van een officiële verklaring, die moet worden afgegeven door de administratie van de vlaggenstaat en niet door een erkende organisatie.
- 4)
Het verzoek om het besluit tot weigering van toegang in te trekken, moet in voorkomend geval ook vergezeld gaan van een document van het classificatiebureau dat het schip, na een bezoek aan boord door een controleur van het classificatiebureau, heeft geklasseerd en waaruit blijkt dat het schip voldoet aan de classificatienormen die door dat bureau zijn vastgesteld. Het classificatiebureau levert aan de bevoegde instantie een bewijs dat er een bezoek aan boord heeft plaatsgevonden.
- 5)
Het besluit tot weigering van toegang kan pas worden opgeheven nadat de in artikel 16 van deze richtlijn genoemde termijn is verstreken en de maatschappij moet een formeel verzoek richten tot de havenstaatautoriteit van de lidstaat die het verbod heeft opgelegd en de in de punten 3 en 4 gevraagde documenten verstrekken.
- 6)
Een dergelijk verzoek, met inbegrip van de vereiste documenten, moet ten minste één maand voor het einde van de verbodsperiode worden ingediend bij de staat die het verbod heeft opgelegd. Als die termijn niet wordt gehaald, kan er een vertraging optreden van maximaal één maand nadat de staat die het verbod heeft opgelegd, het verzoek heeft ontvangen.
- 7)
In het informatiesysteem wordt een dwingende factor aan het schip toegevoegd en genoteerd dat het schip in aanmerking komt voor een uitgebreide inspectie bij zijn volgende aanloophaven/ankerplaats in het gebied dat onder het MoU van Parijs valt.
- 8)
De bevoegde instantie moet haar beslissing ook schriftelijk meedelen aan de administratie van de vlaggenstaat, het betrokken classificatiebureau, de andere lidstaten, de andere partijen bij het MoU van Parijs, de Commissie en het secretariaat van het MoU van Parijs. De bevoegde instantie zorgt er ook voor dat de informatie betreffende de weigering van de toegang onverwijld wordt opgenomen in de inspectiedatabank.
- 9)
Informatie over schepen waaraan de toegang tot havens in de Unie is ontzegd, moet in de inspectiedatabank beschikbaar worden gesteld en worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 26 en bijlage XIII.