Einde inhoudsopgave
Burgerlijk Wetboek BES Boek 1
Artikel 207
Geldend
Geldend vanaf 01-07-2025
- Redactionele toelichting
Herstel van de tekstplaatsing van 27-09-2010, Stb. 494.
- Bronpublicatie:
23-04-2025, Stb. 2025, 124 (uitgifte: 14-05-2025, kamerstukken: 36638)
- Inwerkingtreding
01-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-05-2025, Stb. 2025, 155 (uitgifte: 12-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Afstamming en adoptie
Personen- en familierecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Alimentatie
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
Personen- en familierecht / Bijzondere onderwerpen
Personen- en familierecht / Gezag en omgang
Personen- en familierecht / Huwelijk, relaties en echtscheiding
Personen- en familierecht / Relatievermogensrecht
Personen- en familierecht / Kinderbescherming
Personen- en familierecht / Personenrecht
1.
Indien de man die, kennis dragende van de zwangerschap van de moeder, voornemens was het kind te erkennen of vóór de geboorte met de moeder te huwen, vóór of kort na de geboorte van het kind is overleden zonder het te hebben erkend, kunnen aan de Minister van Justitie brieven van vaderschap worden verzocht. Het verzoek kan zowel door de moeder als door het kind worden gedaan.
2.
De vaststelling van het vaderschap, vervat in de brieven van vaderschap, werkt terug tot het moment van de geboorte van het kind. Te goeder trouw door derden verkregen rechten worden hierdoor nochtans niet geschaad. Voorts ontstaat geen verplichting tot teruggave van vermogensrechtelijke voordelen, voor zover degene die hen heeft genoten ten tijde van het doen van het verzoek daardoor niet was gebaat.