Einde inhoudsopgave
Vreemdelingencirculaire 2000 (B)
4.4 Bijzondere categorieën verblijfsvergunning onbepaalde tijd op nationale gronden
Geldend
Geldend vanaf 01-06-2013
- Bronpublicatie:
28-03-2013, Stcrt. 2013, 8389 (uitgifte: 09-04-2013, regelingnummer: WBV2013/5)
- Inwerkingtreding
01-06-2013
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-03-2013, Stcrt. 2013, 8389 (uitgifte: 09-04-2013, regelingnummer: WBV2013/5)
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht (V)
4.4.1. Oud-Nederlanders (artikel 15, eerste lid, aanhef en onder b, d en f, RWN)
4.4.1.1. Algemene beleidsregels
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden.
De vreemdeling:
- •
is meerderjarig;
- •
verbleef op het moment waarop het Nederlanderschap werd verkregen ten minste vijf aaneengesloten jaren op grond van artikel 8, aanhef en onder a, b, e, of l, Vw in Nederland;
- •
heeft het hoofdverblijf niet buiten Nederland verplaatst; en
- •
dient de aanvraag in binnen twee jaar na verlies van het Nederlanderschap op grond van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder b, d en f, RWN.
De IND wijst deze aanvraag niet af als de vreemdeling:
- •
op het moment waarop de aanvraag is ontvangen niet gedurende een periode van vijf jaren aaneengesloten rechtmatig verblijf in Nederland heeft gehad op grond van artikel 8, aanhef en onder a, c, e of l, Vw; of
- •
niet zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
4.4.1.2. Specifieke beleidsregels oud-Nederlanders door intrekking
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd als de vreemdeling naast de in paragraaf B12/4.4.1.1 Vc genoemde voorwaarden ook voldoet aan de voorwaarde dat hij het Nederlanderschap heeft verloren op grond van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder d of f, RWN.
4.4.1.3. Specifieke beleidsregels oud-Nederlanders door het afleggen van een verklaring van afstand
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd als de vreemdeling naast de in paragraaf B12/ 4.4.1.1 Vc genoemde voorwaarden ook voldoet aan de voorwaarde dat hij het Nederlanderschap heeft verloren door het afleggen van een verklaring van afstand, nadat het Nederlanderschap is verleend en voordat het Nederlanderschap met toepassing van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder d of f, RWN wordt ingetrokken.
4.4.2. Terugkeer op grond van artikel 8 Remigratiewet
De IND verleent de verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd op grond van artikel 8 van de Remigratiewet als:
- •
de in artikel 3.94, aanhef en onder c, Vb genoemde vijf jaren rechtmatig verblijf ononderbroken waren;
- •
de vreemdeling de aanvraag indient binnen een jaar na de remigratie uit Nederland met toepassing van de Remigratiewet; en
- •
de vreemdeling niet eerder heeft gebruikgemaakt van de Remigratiewet.
De IND wijst deze aanvraag niet af als de vreemdeling:
- •
op het moment waarop de aanvraag is ontvangen niet gedurende een tijdvak van vijf jaren ononderbroken verblijf in Nederland heeft gehad op grond van artikel 8, aanhef en onder a, c, e of l, Vw; of
- •
niet zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
4.4.3. Terugkeeroptie
De IND verleent een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd als wordt voldaan aan de voorwaarden genoemd in artikel 3.92, eerste lid, Vb.
De IND wijst deze aanvraag niet af als:
- •
de vreemdeling op het moment waarop de aanvraag is ontvangen niet vijf jaren aaneengesloten rechtmatig verblijf in Nederland heeft gehad op grond van artikel 8, aanhef en onder a, c, e of l, Vw; of
- •
de vreemdeling niet zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan (zie artikel 3.93, derde lid, Vb).
De IND verleent een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd met toepassing van artikel 21a Vw op nationale gronden.
4.4.4. (Ex) geprivilegieerde en diens afhankelijke gezinsleden
De IND verleent een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd aan een ex-geprivilegieerde na beëindiging van diens bijzondere status als wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 3.93, eerste lid, Vb, artikel 3.93, zesde lid, Vb en artikel 3.96a Vb.
De IND verleent een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd aan het afhankelijk gezinslid van een ex-geprivilegieerde als geen van de gronden van artikel 21 Vw zich voordoet en wordt voldaan aan artikel 3.93, eerste lid en eerste lid, aanhef en onder c, Vb, artikel 3.93, zesde lid, Vb en artikel 3.96a Vb.
Ten aanzien van de in artikel 3.93, eerste lid, aanhef en onder b, sub 2, Vb genoemde vreemdelingen geldt het volgende:
- •
het is niet van belang of de bijzondere geprivilegieerde status al dan niet door eigen toedoen verloren is gegaan;
- •
een aaneengesloten periode van tien jaar wordt niet aangenomen als de vreemdeling in deze periode zes of meer achtereenvolgende maanden of in totaal tien of meer maanden buiten Nederland heeft verbleven; en
- •
in aanvulling op artikel 3.93, vijfde lid, Vb beschikt het afhankelijk gezinslid duurzaam over voldoende middelen van bestaan als de referent duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.