Einde inhoudsopgave
Wet op de naburige rechten
Artikel 9 [Overgang rechten bij erfopvolging]
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
29-10-2025, Stb. 2025, 352 (uitgifte: 26-11-2025, kamerstukken: 36536)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
19-11-2025, Stb. 2025, 392 (uitgifte: 26-11-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Intellectuele-eigendomsrecht / Naburige rechten
1.
De rechten die deze wet verleent gaan over bij erfopvolging. Deze rechten zijn vatbaar voor gehele of gedeeltelijke overdracht. Voor het verrichten van handelingen als bedoeld in de artikelen 2, 6, 7a, 7b en 8 kan voor het geheel of een gedeelte van het uitsluitend recht een licentie worden verleend.
2.
De overeenkomst op grond waarvan de rechten als bedoeld in de artikelen 2, 6, 7a, 7b en 8 geheel of gedeeltelijk worden overdragen of waarin een exclusieve licentie wordt verleend, wordt schriftelijk aangegaan.
3.
De overdracht of de verlening van een exclusieve licentie door de uitvoerend kunstenaar of door een natuurlijke persoon die de rechten als bedoeld in artikel 2 als erfgenaam of legataris van de uitvoerend kunstenaar heeft verkregen, omvat alleen die bevoegdheden die uitdrukkelijk in de overeenkomst staan vermeld of die uit de aard en de strekking ervan noodzakelijkerwijs voortvloeien. De levering vereist voor overdracht geschiedt ingevolge artikel 95 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek bij een daartoe bestemde akte.