Einde inhoudsopgave
Verordening (EG) Nr. 2580/2001 inzake specifieke beperkende maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten met het oog op de strijd tegen het terrorisme
Artikel 2
Geldend
Geldend vanaf 27-02-2026
- Bronpublicatie:
26-02-2026, PbEU L 2026, 2026/456 (uitgifte: 26-02-2026, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
27-02-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
26-02-2026, PbEU L 2026, 2026/456 (uitgifte: 26-02-2026, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
EU-recht (V)
Openbare orde en veiligheid / Terrorismebestrijding
1.
Alle tegoeden en economische middelen die toebehoren aan, eigendom zijn van, in het bezit zijn van of onder zeggenschap staan van in de bijlagen II en III opgenomen natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten, worden bevroren.
2.
Er worden geen tegoeden of economische middelen rechtstreeks of onrechtstreeks ter beschikking gesteld aan of ten behoeve van in de lijsten in de bijlagen I en III opgenomen natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten.
3.
Bijlage II omvat natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten die terroristische daden plegen of pogen te plegen, of die eraan deelnemen of ze vergemakkelijken, en ten aanzien waarvan een beslissing is genomen door een bevoegde autoriteit zoals bedoeld in lid 4.
4.
De lijst in bijlage II wordt opgesteld aan de hand van welbepaalde inlichtingen of dossierelementen die aantonen dat door een bevoegde instantie een beslissing is genomen ten aanzien van de bedoelde natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten bij de inleiding van een onderzoek of een vervolging wegens een terroristische daad, poging tot het plegen daarvan, of de deelname aan of het vergemakkelijken ervan, op grond van bewijzen of serieuze en geloofwaardige aanwijzingen, dan wel om een veroordeling wegens dergelijke feiten.
5.
Voor de toepassing van lid 4 wordt onder ‘bevoegde instantie’ een rechterlijke instantie verstaan of, indien rechterlijke instanties geen bevoegdheid bezitten op het door dat lid bestreken gebied, een gelijkwaardige op dat terrein bevoegde instantie.
6.
Bijlage III omvat:
- a)
rechtspersonen, groepen of entiteiten die eigendom zijn van of rechtstreeks of onrechtstreeks gecontroleerd worden door een of meer natuurlijke of rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II;
- b)
natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten die optreden namens of in opdracht van een of meer natuurlijke of rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II;
- c)
leidinggevenden van rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II;
- d)
natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten die in verband gebracht worden met natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II, onder andere door:
- i)
deelname aan het financieren van terroristische daden die gepleegd worden door, in samenwerking met, onder de naam van, uit naam van of als steun aan natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II;
- ii)
deelname aan het plannen, faciliteren, voorbereiden of plegen van terroristische daden die gepleegd worden door, in samenwerking met, onder de naam van, uit naam van of als steun aan natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II;
- iii)
het bieden of ontvangen van terroristische opleidingen, zoals instructies voor vuurwapens, springstoffen of andere methoden of technologie ten voordele van natuurlijke personen of rechtspersonen, groepen of entiteiten opgenomen in bijlage II;
- iv)
betrokkenheid bij de rekrutering ten behoeve van de in bijlage II vermelde natuurlijke personen, rechtspersonen, groepen of entiteiten met het oog op de planning, facilitering, voorbereiding of uitvoering van terroristische daden.