Einde inhoudsopgave
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
Artikel 4a.3.7 Afwijzingsgronden
Geldend
Geldend van 09-12-2025 tot 01-10-2028
- Bronpublicatie:
03-12-2025, Stcrt. 2025, 42014 (uitgifte: 05-12-2025, regelingnummer: WJZ/102659930)
- Inwerkingtreding
09-12-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
03-12-2025, Stcrt. 2025, 42014 (uitgifte: 05-12-2025, regelingnummer: WJZ/102659930)
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Bijzondere onderwerpen bestuursrecht
De Minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidieverlening betreffende een cyberbeveiligingsinnovatieproject indien:
- a.
na toepassing van artikel 4a.3.8, eerste lid, onderdelen a, b, c en d, en tweede lid, minder dan drie punten per criterium zijn toegekend;
- b.
de te verlenen subsidie:
- 1°
minder dan € 60.000 voor het cyberbeveiligingsinnovatieproject zou bedragen; of
- 2°
minder dan € 25.000 voor een subsidieaanvrager zou bedragen, in het geval het cyberbeveiligingsinnovatieproject wordt uitgevoerd in een samenwerkingsverband;
- c.
de subsidieaanvrager in de afgelopen drie volledige kalenderjaren niet actief zijn beroep of bedrijf heeft uitgeoefend in Nederland, waaronder mede begrepen geen producten of diensten heeft aangeboden op de Nederlandse markt;
- d.
het cyberbeveiligingsinnovatieproject uitsluitend gericht is op het verhogen van de cyberweerbaarheid binnen de organisatie van de subsidieaanvrager; of
- e.
de aanvraagactiviteiten bevat die direct verband houden met:
- 1°
de omvang van de uitvoer naar andere lidstaten van de Europese Unie of derde landen;
- 2°
het oprichten en exploiteren van een distributienet ten behoeve van de uitvoer; of
- 3°
andere lopende uitgaven direct verband houdend met activiteiten op het gebied van uitvoer.