Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2024/1157 betreffende de overbrenging van afvalstoffen, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1257/2013 en (EU) 2020/1056 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1013/2006
Artikel 38 Procedures voor uitvoer van voor verwijdering bestemde afvalstoffen naar EVA-landen
Geldend
Geldend vanaf 20-05-2024
- Bronpublicatie:
11-04-2024, PbEU L 2024, 2024/1157 (uitgifte: 30-04-2024, regelingnummer: 2024/1157)
- Inwerkingtreding
20-05-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
11-04-2024, PbEU L 2024, 2024/1157 (uitgifte: 30-04-2024, regelingnummer: 2024/1157)
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Afval
1.
Voor de uitvoer uit de Unie van afvalstoffen die bestemd zijn voor verwijdering in een EVA-land dat partij is bij het Verdrag van Bazel, is titel II, met de in de leden 2 en 3 uiteengezette wijzigingen en aanvullende bepalingen, van overeenkomstige toepassing.
2.
De volgende wijzigingen zijn van toepassing:
- a)
de kennisgever dient overeenkomstig artikel 27 de kennisgeving en alle verlangde aanvullende informatie en documentatie in, en verstrekt die kennisgeving en dergelijke aanvullende informatie en documentatie tegelijkertijd per post, of waar passend, per fax of e-mail met digitale handtekening aan de bevoegde autoriteit van bestemming en alle bevoegde autoriteiten van doorvoer buiten de Unie, tenzij die autoriteiten zijn aangesloten op het in artikel 27, lid 3, bedoelde centrale systeem; bij gebruik van een e-mail met digitale handtekening wordt elke vereiste stempel of handtekening vervangen door de digitale handtekening;
- b)
- c)
de bevoegde autoriteit van verzending en alle bevoegde autoriteiten van doorvoer in de Unie stellen de bevoegde autoriteit van bestemming en alle bevoegde autoriteiten van doorvoer buiten de Unie in kennis van elk verzoek om informatie en documentatie van hun zijde en van hun besluit en de door hen gestelde voorwaarden, indien die er zijn, betreffende de geplande overbrenging, per post of waar passend per fax of e-mail met digitale handtekening, tenzij die bevoegde autoriteiten zijn aangesloten op het in artikel 27, lid 3, bedoelde centrale systeem;
- d)
de informatie die op grond van de artikelen 7, 8, 16 en 17 aan de bevoegde autoriteit van bestemming en alle bevoegde autoriteiten van doorvoer buiten de Unie moet worden verstrekt, wordt verstrekt per post of, waar passend, per fax of e-mail met digitale handtekening, tenzij die autoriteiten zijn aangesloten op het in artikel 27, lid 3, bedoelde centrale systeem;
- e)
de kennisgever zorgt ervoor dat de op grond van artikel 15, leden 3 tot en met 5, en artikel 16, leden 5 en 6, door de inrichting te verstrekken informatie wordt opgenomen in een systeem zoals bedoeld in artikel 27, tenzij die inrichtingen zijn aangesloten op het in artikel 27, lid 3, bedoelde centrale systeem;
- f)
alle bevoegde autoriteiten van doorvoer buiten de Unie beschikken vanaf de datum van de verzending van de bevestiging van ontvangst van een volledige kennisgeving over een termijn van 60 dagen om stilzwijgende of — al dan niet aan voorwaarden verbonden — schriftelijke toestemming te verlenen in het geval dat het betrokken land afgezien heeft van voorafgaande schriftelijke toestemming en de overige partijen bij het Verdrag van Bazel daarover heeft geïnformeerd overeenkomstig artikel 6, lid 4, van dat verdrag;
- g)
de bevoegde autoriteit van verzending in de Unie neemt het besluit om toestemming te verlenen voor de overbrenging zoals bedoeld in artikel 9 slechts na ontvangst van schriftelijke toestemming van de bevoegde autoriteit van bestemming en, waar passend, de stilzwijgende of schriftelijke toestemming van een bevoegde autoriteit van doorvoer buiten de Unie, en niet eerder dan 61 dagen na de datum van verzending van de ontvangstbevestiging van een volledige kennisgeving door een bevoegde autoriteit van doorvoer buiten de Unie, tenzij de bevoegde autoriteit van verzending de schriftelijke toestemming van de andere betrokken bevoegde autoriteiten heeft, in welk geval zij het in artikel 9 bedoelde besluit vóór die termijn kan nemen.
3.
De volgende aanvullende bepalingen zijn van toepassing:
- a)
alle bevoegde autoriteiten van doorvoer in de Unie verstrekken een bevestiging van ontvangst van een volledige kennisgeving aan de kennisgever, met kopieën daarvan aan de betrokken bevoegde autoriteiten indien die geen toegang hebben tot een systeem zoals bedoeld in artikel 27;
- b)
de bevoegde autoriteit van verzending en alle bevoegde autoriteiten van doorvoer in de Unie stellen het douanekantoor van uitvoer en het douanekantoor van uitgang in kennis van hun besluit om toestemming voor de overbrenging te verlenen;
- c)
een kopie van het vervoersdocument wordt door de vervoerder aan het douanekantoor van uitvoer en aan het douanekantoor van uitgang verstrekt, hetzij per post of, waar passend, per fax of e-mail met digitale handtekening, hetzij via het in artikel 27, lid 3, bedoelde centrale systeem indien het douanekantoor van uitvoer en het douanekantoor van uitgang daar toegang tot hebben;
- d)
zodra de afvalstoffen de Unie hebben verlaten, stelt het douanekantoor van uitgang de bevoegde autoriteit van verzending in de Unie in kennis dat de afvalstoffen de Unie hebben verlaten;
- e)
indien de bevoegde autoriteit van verzending 42 dagen nadat de afvalstoffen de Unie hebben verlaten geen bericht van de inrichting heeft gekregen dat die de afvalstoffen heeft ontvangen, stelt zij onverwijld de bevoegde autoriteit van bestemming daarvan op de hoogte via een systeem zoals bedoeld in artikel 27 of overeenkomstig artikel 72;
- f)
het in artikel 6 bedoelde contract bevat de volgende voorwaarden:
- i)
de inrichting draagt de kosten die voortvloeien uit de verplichting de afvalstoffen terug te zenden naar het rechtsgebied van de bevoegde autoriteit van verzending en uit de nuttige toepassing of verwijdering op een andere, milieuhygiënisch verantwoorde wijze, indien de ontvanger een onjuiste verklaring van verwijdering afgeeft op grond waarvan de borgsom wordt vrijgegeven;
- ii)
de inrichting zendt aan de kennisgever en de betrokken bevoegde autoriteiten binnen drie dagen na ontvangst van de voor verwijdering bestemde afvalstoffen een afschrift van het ingevulde vervoersdocument, met uitzondering van de in punt iii) bedoelde verklaring van verwijdering;
- iii)
de inrichting verklaart zo snel mogelijk, doch uiterlijk 30 dagen nadat de verwijdering voltooid is en in elk geval uiterlijk één jaar na de ontvangst van de afvalstoffen onder haar verantwoordelijkheid dat de verwijdering heeft plaatsgevonden en zendt afschriften van het vervoersdocument met die verklaring aan de kennisgever en de betrokken bevoegde autoriteiten;
- g)
de kennisgever stelt binnen drie werkdagen na ontvangst van de in punt f), ii) en iii), bedoelde kopieën de informatie in die kopieën elektronisch beschikbaar overeenkomstig artikel 27.
4.
De overbrenging mag alleen plaatsvinden indien aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
- a)
de kennisgever heeft schriftelijke toestemming ontvangen van de bevoegde autoriteiten van verzending, van bestemming en indien toepasselijk van doorvoer buiten de Unie, en wanneer aan de in die toestemmingen of de bijlagen daarbij gestelde voorwaarden is voldaan;
- b)
milieuhygiënisch verantwoord beheer van de afvalstoffen zoals bedoeld in artikel 59 wordt gewaarborgd.
5.
Bij uitvoer van afvalstoffen vindt de verwijdering plaats in een inrichting die uit hoofde van het toepasselijke nationale recht in het land van bestemming geëxploiteerd wordt of mag worden.
6.
Indien een douanekantoor van uitvoer of een douanekantoor van uitgang een illegale overbrenging ontdekt, stelt het onverwijld de bevoegde autoriteit in het land van het douanekantoor daarvan in kennis. Die bevoegde autoriteit:
- a)
stelt onverwijld de bevoegde autoriteit van verzending in de Unie in kennis van de illegale overbrenging,
- b)
zorgt ervoor dat de overbrenging van de afvalstoffen wordt tegengehouden totdat de bevoegde autoriteit van verzending een besluit heeft genomen en het dat schriftelijk aan de bevoegde autoriteit in het land van het douanekantoor waar de afvalstoffen worden tegengehouden, heeft meegedeeld, en
- c)
deelt het in punt b) bedoelde besluit van de bevoegde autoriteit van verzending onverwijld mee aan het douanekantoor van uitvoer of het douanekantoor van uitgang dat de illegale overbrenging heeft ontdekt.