Einde inhoudsopgave
Mededeling verplichtstelling Bedrijfspensioenfonds Landbouw
Bijlage II Aanvulling/afwijking definitie werkgever
Geldend
Geldend vanaf 11-02-2026
- Bronpublicatie:
05-02-2026, Stcrt. 2026, 47 (uitgifte: 10-02-2026, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
11-02-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
05-02-2026, Stcrt. 2026, 47 (uitgifte: 10-02-2026, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verzekeringsrecht / Pensioenrecht
In aanvulling op respectievelijk in afwijking van hetgeen onder B is bepaald over het begrip ‘werkgever’, geldt voor:
- a.
Bedrijfsverzorgingsdiensten:
Niet als werkgever wordt beschouwd een werkgever die:
- a.
tenminste 15% van het totaal aantal arbeidsuren uitzendt op basis van een uitzendovereenkomst als bedoeld in artikel 7:690 BW (Staatsblad 1998, 300), met uitzendbeding als bedoeld in artikel 7:691 lid 2 BW (Staatsblad 1998, 300), of
- b.
als lid is toegelaten tot de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU), of
- c.
als lid is toegelaten tot de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU).
- b.
Bloembollengroothandel, Dierhouderij, Glastuinbouw, Open Teelten, Paddenstoelenteelt:
Arbeidsuren zijn inclusief de uren die via handmatige loonbedrijven, uitzendbureaus en derden worden besteed.
- c.
Groen, Grond en Infrastructuur:
- i.
diegene die bedrijfsactiviteiten zoals onder C 4 vermeld al dan niet in een Groen, Grond en Infrastructuur onderneming doet verrichten tenzij voor die werkgever reeds een andere verplichtstelling inzake een verplichtgesteld bedrijfstakpensioenfonds van kracht is;
- ii.
diegene die een onderneming uitoefent met drie of meer verschillende soorten bedrijfsactiviteiten indien het percentage arbeidsuren dat besteed wordt aan activiteiten zoals onder C 4 vermeld groter is dan ieder afzonderlijk percentage arbeidsuren dat aan een andere bedrijfsactiviteit wordt besteed;
- iii.
degene die èn bedrijfsactiviteiten verricht zoals vermeld onder C 4 èn activiteiten verricht die vallen onder de verplichtstelling van de Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid (Staatscourant van 5 maart 2024, publicatienummer 6823), wordt – in afwijking van het onder B 2 en cii bepaalde – alleen als werkgever beschouwd indien het percentage loonsom dat besteed wordt aan activiteiten zoals vermeld onder C 4 groter is dan ieder afzonderlijk percentage loonsom dat aan een andere bedrijfsactiviteit wordt besteed.
- d.
Hoveniersbedrijf:
- i.
diegene die een onderneming uitoefent die bedrijfsactiviteiten zoals genoemd onder C 5 verricht. Als op een onderneming meerdere verplichtstellingen van toepassing kunnen zijn, hoeft deze verplichtstelling niet te worden toegepast indien de onder C 5 genoemde bedrijfsactiviteiten ondergeschikte betekenis hebben in de bedrijfsvoering;
- ii.
niet als werkgever wordt beschouwd de bij de Nederlandse Vereniging van Golfaccommodaties als lid aangesloten golfbaanexploiterende onderneming of instelling;
- iii.
in afwijking van het onder B bepaalde wordt niet als werkgever beschouwd de onderneming die op grond van hetgeen opgenomen is in Bijlage III behoort tot de Bouwnijverheid.
- e.
Bos en Natuur:
- i.
Als werkgever worden tevens beschouwd:
- −
Stichting Landschap Erfgoed Utrecht;
- −
Stichting Landschapsbeheer Zeeland;
- −
Stichting Landschapsbeheer Flevoland;
- −
Stichting Landschapsbeheer Friesland;
- −
Stichting Landschapsbeheer Drenthe;
- −
Stichting Landschapsbeheer Groningen;
- ii.
in afwijking van het onder B bepaalde wordt niet als werkgever beschouwd:
- –
de onderneming die op grond van hetgeen opgenomen is in Bijlage III behoort tot de Bouwnijverheid;
- –
Staatsbosbeheer.
- f.
Dierhouderij:
Niet als werkgever worden beschouwd:
- −
de viskwekerij en vishouderij (inclusief schaal en schelpdieren) in visvijvers of in open water;
- −
de stalhouderij c.q. een onderneming die paarden houdt voor recreatieve doeleinden en/of sportwedstrijden;
- −
de weefsel- en micro-organismen kwekerij;
- −
de proefdierenfokkerij;
- −
de gezelschapsdierenfokkerij;
- −
de kwekerij en houderij van insecten, wormen en micro-organismen, die worden ingezet ten behoeve van bestuiving en plaagdierbestrijding bij gewassen en bodemverbetering.