Einde inhoudsopgave
Besluit toelating en uitzetting BES
Artikel 3.5
Geldend
Geldend vanaf 10-10-2010
- Redactionele toelichting
Tekstplaatsing van het Toelatingsbesluit, zoals gewijzigd bij het KB van 30-09-2010, Stb. 382 en de Aanpassingsregeling Besluit toelating en uitzetting BES (30-09-2010, Stcrt. 15153). Tijdstip iwtr.: 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba. 06.00 uur in het Europese deel van Nederland.
- Bronpublicatie:
27-09-2010, Stb. 2010, 564 (uitgifte: 01-10-2010, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
10-10-2010
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
30-09-2010, Stb. 2010, 389 (uitgifte: 01-01-2010, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Verblijf
1.
Onverminderd de overige terzake bij of krachtens de Wet gestelde vereisten, wordt toegang tot de openbare lichamen niet geweigerd op grond van artikel 2r, eerste lid, onder b, van de Wet, indien de vreemdeling in het bezit is van:
- a.
een geldig document voor grensoverschrijding dat is voorzien van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf, indien hij zich naar de openbare lichamen begeeft voor een verblijf aldaar van langer dan drie maanden, of
- b.
een door Onze Minister afgegeven geldig terugkeervisum.
2.
Een afzonderlijke geldige machtiging tot voorlopig verblijf wordt gelijkgesteld met een geldig document voor grensoverschrijding, indien de vreemdeling tevens in het bezit is van het in deze machtiging vermelde document.
3.
In afwijking van het eerste lid wordt toegang niet geweigerd indien de vreemdeling zich naar de openbare lichamen begeeft voor een verblijf van langer dan drie maanden en hij in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding waarin de benodigde machtiging tot voorlopig verblijf ontbreekt, mits de vreemdeling:
- a.
de nationaliteit bezit van één van bij ministeriële regeling aan te wijzen staten, of
- b.
behoort tot een bij ministeriële regeling aan te wijzen categorie.
4.
Bij ministeriële regeling kan, ter uitvoering van een verdrag, dan wel een voor Nederland bindend besluit van een volkenrechtelijke organisatie, van het eerste lid worden afgeweken ten gunste van vreemdelingen ten aanzien van het bezit van een document voor grensoverschrijding.