Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2023/2631 betreffende Europese groene obligaties en optionele openbaarmakingen voor obligaties die als ecologisch duurzame obligaties op de markt worden gebracht en voor aan duurzaamheid gekoppelde obligaties
Artikel 45 Bevoegdheden van bevoegde autoriteiten
Geldend
Geldend vanaf 20-12-2023
- Bronpublicatie:
22-11-2023, PbEU L 2023, 2023/2631 (uitgifte: 30-11-2023, regelingnummer: 2023/2631)
- Inwerkingtreding
20-12-2023
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
22-11-2023, PbEU L 2023, 2023/2631 (uitgifte: 30-11-2023, regelingnummer: 2023/2631)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Europees financieel recht
Milieurecht / Algemeen
1.
Om hun taken uit hoofde van deze verordening te kunnen vervullen, beschikken bevoegde autoriteiten, overeenkomstig het nationale recht, ten minste over de volgende toezicht- en onderzoeksbevoegdheden:
- a)
zij kunnen eisen dat uitgevende instellingen de in artikel 10 bedoelde factsheets voor Europese groene obligaties publiceren of in die factsheets de in bijlage I bedoelde informatie opnemen;
- b)
zij kunnen eisen dat uitgevende instellingen toetsingen en beoordelingen publiceren;
- c)
zij kunnen eisen dat uitgevende instellingen jaarlijks toewijzingsverslagen publiceren of de in bijlage II bedoelde informatie in jaarlijkse toewijzingsverslagen opnemen;
- d)
zij kunnen eisen dat uitgevende instellingen een impactverslag publiceren of de in bijlage III bedoelde informatie in het impactverslag opnemen;
- e)
zij kunnen eisen dat uitgevende instellingen de bevoegde autoriteit in kennis stellen van de publicatie overeenkomstig artikel 15, lid 4;
- f)
wanneer uitgevende instellingen de in artikel 21 bedoelde gemeenschappelijke templates gebruiken, kunnen zij verlangen dat die uitgevende instellingen de daarin genoemde elementen opnemen in hun periodieke openbaarmakingen na uitgifte;
- g)
zij kunnen eisen dat auditors en het senior management van de uitgevende instelling relevante informatie en documenten verschaffen;
- h)
zij kunnen een aanbieding of de toelating tot de handel op een gereglementeerde markt van Europese groene obligaties voor maximaal tien opeenvolgende werkdagen schorsen indien er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de uitgevende instelling een verplichting op grond van titel II, hoofdstuk 2, of artikel 18 of 19 niet is nagekomen;
- i)
zij kunnen een aanbieding of toelating tot de handel op een gereglementeerde markt van Europese groene obligaties verbieden indien er gegronde redenen zijn om te vermoeden dat de uitgevende instelling nog steeds niet voldoet aan een verplichting op grond van titel II, hoofdstuk 2, of artikel 18 of 19;
- j)
zij kunnen advertenties maximaal tien opeenvolgende werkdagen schorsen, dan wel uitgevende instellingen van Europese groene obligaties of de betrokken financiële tussenpersonen verplichten het adverteren telkens voor maximaal tien opeenvolgende werkdagen te schorsen, wanneer zij gegronde redenen hebben om te vermoeden dat de uitgevende instelling een verplichting op grond van titel II, hoofdstuk 2, of artikel 18 of 19 niet is nagekomen;
- k)
zij kunnen advertenties verbieden, dan wel uitgevende instellingen van Europese groene obligaties of de betrokken financiële tussenpersonen verplichten het adverteren te staken, indien er gegronde redenen zijn om te vermoeden dat de uitgevende instelling nog steeds niet voldoet aan een verplichting op grond van titel II, hoofdstuk 2, of artikel 18 of 19;
- l)
zij kunnen openbaar maken dat een uitgevende instelling van Europese groene obligaties deze verordening niet naleeft en kunnen van die uitgevende instelling eisen dat zij die informatie op haar website publiceert;
- m)
zij kunnen een uitgevende instelling gedurende een periode van maximaal één jaar verbieden Europese groene obligaties uit te geven indien de uitgevende instelling herhaaldelijk en ernstig inbreuk heeft gemaakt op titel II, hoofdstuk 2, of artikel 18 of 19;
- n)
zij kunnen drie maanden na het in deze alinea, punt l), bedoelde vereiste openbaar maken dat de uitgevende instelling van Europese groene obligaties niet langer voldoet aan artikel 3 wat betreft het gebruik van de benaming ‘Europese groene obligatie’ of ‘EuGB’, en die uitgevende instelling verplichten die informatie op haar website te publiceren;
- o)
zij kunnen inspecties of onderzoeken ter plaatse verrichten, behalve in private woningen van natuurlijke personen, en daartoe lokalen betreden om toegang te krijgen tot documenten en andere gegevens, ongeacht hun vorm, indien er een redelijk vermoeden bestaat dat documenten en andere gegevens die op het voorwerp van de inspectie of het onderzoek betrekking hebben, relevant kunnen zijn als bewijs voor een inbreuk op deze verordening.
Indien dat uit hoofde van het nationale recht wordt vereist, kunnen de bevoegde autoriteiten de betrokken rechterlijke instantie verzoeken zich uit te spreken over het gebruik van de in de eerste alinea bedoelde bevoegdheden.
2.
De bevoegde autoriteiten oefenen hun in lid 1 genoemde taken en bevoegdheden op een van de volgende wijzen uit:
- a)
rechtstreeks;
- b)
in samenwerking met andere autoriteiten;
- c)
onder hun verantwoordelijkheid door middel van delegatie aan de in punt b) bedoelde autoriteiten;
- d)
door middel van een verzoek aan de bevoegde rechterlijke instanties.
3.
De lidstaten zorgen ervoor dat passende maatregelen voorhanden zijn zodat de bevoegde autoriteiten over alle toezicht- en onderzoeksbevoegdheden beschikken die nodig zijn om hun taken te vervullen.
4.
Een persoon die op grond van deze verordening informatie aan een bevoegde autoriteit verstrekt, wordt niet geacht inbreuk te maken op een door een contract of een wettelijke of bestuursrechtelijke bepaling opgelegde beperking inzake de openbaarmaking van informatie, en die informatievestrekking aan een bevoegde autoriteit brengt voor de melder generlei aansprakelijkheid met zich mee.