Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2021/523 tot vaststelling van het InvestEU-programma en tot wijziging van Verordening (EU) 2015/1017
Artikel 10 bis Specifieke bepalingen die van toepassing zijn op het in het kader van het lidstaatcompartiment uitgevoerde InvestEU-financieringsinstrument
Geldend
Geldend vanaf 24-12-2025
- Bronpublicatie:
16-12-2025, PbEU L 2025, 2025/2005 (uitgifte: 23-12-2025, regelingnummer: 2025/2005)
- Inwerkingtreding
24-12-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
16-12-2025, PbEU L 2025, 2025/2005 (uitgifte: 23-12-2025, regelingnummer: 2025/2005)
- Vakgebied(en)
Corona (V)
EU-recht / Financiering
Ondernemingsrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
Een lidstaat kan bedragen uit de fondsen in gedeeld beheer bijdragen aan het lidstaatcompartiment van het InvestEU-fonds met het oog op de inzet ervan via het InvestEU-financieringsinstrument.
De lidstaten kunnen ook aanvullende bedragen verstrekken ten behoeve van het InvestEU-financieringsinstrument. Dergelijke bedragen vormen een externe bestemmingsontvangst overeenkomstig artikel 21, lid 5, tweede zin, van Verordening (EU, Euratom) 2024/2509.
Door een lidstaat uit hoofde van de eerste en tweede alinea op vrijwillige basis toegewezen bedragen worden gebruikt ter ondersteuning van financierings- en investeringsverrichtingen in de betrokken lidstaat. Die bedragen worden gebruikt om bij te dragen aan het bereiken van de beleidsdoelstellingen die nader zijn bepaald in de partnerschapsovereenkomst bedoeld in artikel 11, lid 1, punt a), van de verordening inzake de gemeenschappelijke bepalingen voor 2021–2027, in de programma's of in het strategische GLB-plan dat aan het InvestEU-programma bijdraagt, om relevante maatregelen uit te voeren die zijn vastgesteld in het plan voor herstel en veerkracht dat is opgesteld uit hoofde van Verordening (EU) 2021/241 of, in andere gevallen, voor in de bijdrageovereenkomst vastgestelde doeleinden, afhankelijk van de oorsprong van het bijgedragen bedrag.
2.
De bijdrage aan het InvestEU-financieringsinstrument is afhankelijk van het sluiten van een bijdrageovereenkomst tussen een lidstaat en de Commissie, die voor de bijdragen uit fondsen in gedeeld beheer wordt gesloten overeenkomstig artikel 10, lid 2, vierde alinea.
Twee of meer lidstaten kunnen een gezamenlijke bijdrageovereenkomst met de Commissie sluiten.
3.
De bijdrageovereenkomst bevat ten minste het bedrag van de bijdrage van de lidstaat en de valuta van de financierings- en investeringsverrichtingen, bepalingen inzake de vergoeding van de Unie voor het InvestEU-financieringsinstrument, de in artikel 10, lid 3, punten b) tot en met e) en punt g), bedoelde elementen en de behandeling van middelen die worden gegenereerd door, of toe te rekenen zijn aan, de bedragen die aan het InvestEU-financieringsinstrument zijn bijgedragen.
4.
De bijdrageovereenkomsten worden uitgevoerd door middel van overeenkomstig artikel 10, lid 4, eerste alinea, gesloten garantieovereenkomsten.
Indien binnen twaalf maanden na de sluiting van de bijdrageovereenkomst geen garantieovereenkomst is gesloten, wordt de bijdrageovereenkomst in onderlinge overeenstemming beëindigd of verlengd. Indien het bedrag van een bijdrageovereenkomst niet binnen twaalf maanden na de sluiting van de bijdrageovereenkomst volledig is vastgelegd door middel van een of meer garantieovereenkomsten, wordt dat bedrag dienovereenkomstig gewijzigd. Het ongebruikte bedrag van een bijdrage uit fondsen in gedeeld beheer die via het InvestEU-programma wordt geleverd, wordt hergebruikt overeenkomstig de verordening tot vaststelling van het desbetreffende fonds. Het ongebruikte bedrag van een bijdrage van een lidstaat uit hoofde van lid 1, tweede alinea, van dit artikel, wordt aan de lidstaat terugbetaald.
Indien een garantieovereenkomst niet naar behoren is uitgevoerd binnen de termijn die is vastgesteld in artikel 14, lid 6, van de verordening inzake de gemeenschappelijke bepalingen voor 2021–2027 of artikel 81, lid 6, van de verordening inzake strategische GLB-plannen, of, in het geval van een garantieovereenkomst die betrekking heeft op overeenkomstig lid 1, tweede alinea, van dit artikel verstrekte bedragen, in de desbetreffende bijdrageovereenkomst, wordt de bijdrageovereenkomst gewijzigd. De ongebruikte bedragen die door de lidstaten zijn toegewezen op grond van de bepalingen over de aanwending van de fondsen in gedeeld beheer die door middel van het InvestEU-programma worden verleend, worden hergebruikt overeenkomstig de verordening tot vaststelling van het desbetreffende fonds. Het ongebruikte bedrag van een InvestEU-financieringsinstrument dat kan worden toegeschreven aan de bijdrage van een lidstaat uit hoofde van lid 1, tweede alinea, van dit artikel, wordt aan de lidstaat terugbetaald.
Middelen die worden gegenereerd door, of toe te rekenen zijn aan, de bedragen die aan het InvestEU-financieringsinstrument zijn bijgedragen op grond van de bepalingen over de aanwending van de fondsen in gedeeld beheer die door middel van het InvestEU-programma worden verleend, worden hergebruikt overeenkomstig de verordening tot vaststelling van het desbetreffende fonds. De middelen die worden gegenereerd door, of toe te rekenen zijn aan, de bedragen die aan het InvestEU-financieringsinstrument zijn bijgedragen uit hoofde van lid 1, tweede alinea, van dit artikel, worden aan de lidstaat terugbetaald.
5.
Steun uit hoofde van het InvestEU-financieringsinstrument steun kan worden toegekend voor onder deze verordening vallende financierings- en investeringsverrichtingen voor een investeringsperiode die eindigt op 31 december 2027. Contracten waarin het InvestEU-financieringsinstrument wordt uitgevoerd tussen de uitvoerende partner en de eindontvanger of de financiële intermediair of een andere, in artikel 16, lid 1, punt a), bedoelde entiteit worden uiterlijk op 31 december 2028 ondertekend.