Einde inhoudsopgave
Besluit bekostiging financieel toezicht 2019
Artikel 10 Te gebruiken gegevens
Geldend
Geldend vanaf 26-04-2019. Let op: treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 01-01-2019
- Bronpublicatie:
02-04-2019, Stb. 2019, 156 (uitgifte: 25-04-2019, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
26-04-2019, terugwerkend tot: 01-01-2019
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
02-04-2019, Stb. 2019, 156 (uitgifte: 25-04-2019, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
1.
De toezichthouder baseert het jaarlijks aan een persoon in rekening te brengen bedrag op de bij de toezichthouder laatst bekende gegevens van de desbetreffende persoon. De gegevens gaan niet verder terug dan twee jaar voor het jaar waarin de vergoeding in rekening wordt gebracht.
2.
In afwijking van het eerste lid stelt de toezichthouder per onder toezicht staande persoon de in het laatst verstreken kalenderjaar liggende periode vast waarop de gegevens voor de toepassing van de maatstaven ‘Marktkapitalisatie’ en ‘Eigen vermogen’, bedoeld in bijlage 1, onderdeel B, betrekking hebben.
3.
De gegevens van een persoon die in de loop van een jaar onder toezicht komt te staan, worden voor dat jaar vastgesteld per de datum waarop die persoon voor het eerst deel uitmaakt van een toezichtcategorie of, indien deze gegevens niet beschikbaar zijn of indien zij pas na een onevenredige inspanning zijn te verkrijgen, per de datum waarop de jaarrekening of balans van die persoon voor het laatst is vastgesteld.
4.
De gegevens van de partijen die betrokken zijn bij een fusie, splitsing of ontbinding kunnen worden vastgesteld aan de hand van de gegevens die zijn vastgesteld voor het samengaan, de splitsing of de ontbinding.
5.
Indien de gegevens van een onder toezicht staande persoon niet bij de toezichthouder bekend zijn, verstrekt die persoon op verzoek, binnen een door de toezichthouder te stellen redelijke termijn, een opgave van zijn gegevens die betrekking hebben op de voor hem relevante maatstaf.
6.
Indien een persoon als bedoeld in het vijfde lid niet binnen de door de toezichthouder gestelde termijn een opgave heeft gedaan of een kennelijk onjuiste of onvolledige opgave heeft gedaan, maakt de toezichthouder een schatting van zijn gegevens.