Einde inhoudsopgave
Procesreglement bestuursrecht rechtbanken
Artikel 2.2a De partij van rechtswege
Geldend
Geldend vanaf 01-07-2025
- Redactionele toelichting
De datum van afkondiging is de datum van de Staatscourant.
- Bronpublicatie:
30-06-2025, Stcrt. 2025, 20750 (uitgifte: 30-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
01-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
30-06-2025, Stcrt. 2025, 20750 (uitgifte: 30-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Vreemdelingenrecht / Vreemdelingenprocesrecht
Bestuursprocesrecht / Algemeen
1.
Partijen van rechtswege zijn
- —
bij een besluit op administratief beroep: het bestuursorgaan dat het oorspronkelijke besluit heeft genomen;
- —
bij een besluit houdende goedkeuring van een ander besluit: het bestuursorgaan dat het oorspronkelijke besluit heeft genomen;
- —
bij een besluit waarvoor een verklaring van geen bedenkingen of een advies met instemming nodig is: het bestuursorgaan dat de verklaring van geen bedenkingen of het advies met instemming heeft afgegeven.
2.
Binnen een week na de ontvangst van het beroepschrift stelt de griffier de partijen van rechtswege hiervan op de hoogte. Als een partij van rechtswege niet digitaal kan worden bereikt, verzendt de griffier deze mededeling per post. Bij deze mededeling voegt de griffier het bestreden besluit en het beroepschrift.
3.
De Staat der Nederlanden is partij van rechtswege in het geval van een schadevergoeding wegens aan de rechtbank te wijten overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank stelt de Staat niet in de gelegenheid verweer te voeren en aan de zitting deel te nemen voor zover de Staat daarvan op voorhand heeft afgezien. In dat geval stelt de griffier deze partij bij de bekendmaking van de uitspraak van de procedure op de hoogte.