Einde inhoudsopgave
Invoeringswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Artikel 18.4.7d
Geldend
Geldend vanaf 01-08-2018
- Bronpublicatie:
21-03-2018, Stb. 2018, 94 (uitgifte: 05-04-2018, kamerstukken: 34797)
- Inwerkingtreding
01-08-2018
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
04-07-2018, Stb. 2018, 224 (uitgifte: 20-07-2018, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Decentralisatie
1.
De aanbieder van jeugdzorg en de (gezins)voogdij-instelling doen aan de ambtenaren, bedoeld in artikel 18.4.7e, eerste lid, onverwijld melding van:
- a.
iedere calamiteit die gedurende de verlening van jeugdzorg of gedurende de uitvoering van (gezins)voogdij heeft plaatsgevonden, en
- b.
geweld gedurende de verlening van jeugdzorg of de uitvoering van (gezins)voogdij.
2.
De aanbieder van jeugdzorg en de (gezins)voogdij-instelling verstrekken bij en naar aanleiding van een melding als bedoeld in het eerste lid aan de ambtenaren, bedoeld in artikel 18.4.7e, eerste lid, de gegevens, daaronder begrepen persoonsgegevens, gegevens betreffende de gezondheid en andere bijzondere persoonsgegevens, die voor het onderzoeken van de melding en voor het onderzoeken van de kwaliteit van de jeugdzorg of (gezins)voogdij, verleend voor, tijdens en na de gemelde calamiteit of het gemelde geweld noodzakelijk zijn.
3.
Voor zover bij het onderzoeken van een melding gegevens van een jeugdige ter beschikking van de ambtenaren, bedoeld in artikel 18.4.7e, eerste lid, zijn gekomen, ter zake waarvan de betrokken beroepsbeoefenaar uit hoofde van zijn beroep tot geheimhouding verplicht is, geldt gelijke verplichting voor de betrokken ambtenaren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd.