| | | Specifieke vrijstelling voor gebruik als tussenproduct of andere specificatie |
|---|
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties tetrabroomdifenylether van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer de
stof voorkomt in stoffen.
- 2.
In verband met de vermeldingen betreffende tetra-, penta-, hexa-, hepta- en decaBDE is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing
op de volgende som van de concentraties van die stoffen:
- a)
10 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen, met uitzondering van
materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 van het Europees Parlement en de
Raad vallen;
- b)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 200
mg/kg vanaf 30 december 2027 wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen die tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende
teruggewonnen materialen bevatten of ervan zijn vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact
komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- c)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 10 mg/kg
vanaf 17 mei 2027 wanneer zij voorkomen in speelgoed dat valt onder Richtlijn 2009/48/EG van het Europees Parlement en de
Raad , of in elk product ter ondersteuning van het zitten, de slaap, de relaxatie, de hygiëne, de verschoning en algemene lichaamsverzorging,
de voeding, het zuigen, het vervoer en de bescherming van kinderen, dat tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende
teruggewonnen materialen bevat of ervan is vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact
komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen.
- 3.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van de volgende voorwerpen toegestaan: elektrische en elektronische apparatuur die onder Richtlijn 2011/65/EU van het Europees Parlement en de Raad valt.
- 4.
Het gebruik van voorwerpen met tetrabroomdifenylether als bestanddeel die al in de Unie in gebruik waren vóór 25 augustus
2010 is toegestaan. Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
|
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties pentabroomdifenylether van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer het
voorkomt in stoffen.
- 2.
In verband met de vermeldingen betreffende tetra-, penta-, hexa-, hepta- en decaBDE is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing
op de volgende som van de concentraties van die stoffen:
- a)
10 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen, met uitzondering van
materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- b)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 200
mg/kg vanaf 30 december 2027 wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen die tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende
teruggewonnen materialen bevatten of ervan zijn vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact
komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- c)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 10 mg/kg
vanaf 17 mei 2027 wanneer zij voorkomen in speelgoed dat valt onder Richtlijn 2009/48/EG, of in elk product ter ondersteuning
van het zitten, de slaap, de relaxatie, de hygiëne, de verschoning en algemene lichaamsverzorging, de voeding, het zuigen,
het vervoer en de bescherming van kinderen, dat tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende teruggewonnen materialen
bevat of ervan is vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening
(EG) nr. 1935/2004 vallen.
- 3.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van de volgende voorwerpen toegestaan: elektrische en elektronische apparatuur die onder Richtlijn 2011/65/EU valt.
- 4.
Het gebruik van voorwerpen met pentabroomdifenylether als bestanddeel die al in de Unie in gebruik waren vóór 25 augustus
2010 is toegestaan. Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
|
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties hexabroomdifenylether van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer deze
voorkomt in stoffen.
- 2.
In verband met de vermeldingen betreffende tetra-, penta-, hexa-, hepta- en decaBDE is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing
op de volgende som van de concentraties van die stoffen:
- a)
10 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen, met uitzondering van
materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- b)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 200
mg/kg vanaf 30 december 2027 wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen die tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende
teruggewonnen materialen bevatten of ervan zijn vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact
komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- c)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 10 mg/kg
vanaf 17 mei 2027 wanneer zij voorkomen in speelgoed dat valt onder Richtlijn 2009/48/EG, of in elk product ter ondersteuning
van het zitten, de slaap, de relaxatie, de hygiëne, de verschoning en algemene lichaamsverzorging, de voeding, het zuigen,
het vervoer en de bescherming van kinderen, dat tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende teruggewonnen materialen
bevat of ervan is vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening
(EG) nr. 1935/2004 vallen.
- 3.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van de volgende voorwerpen toegestaan: elektrische en elektronische apparatuur die onder Richtlijn 2011/65/EU valt.
- 4.
Het gebruik van voorwerpen met hexabroomdifenylether als bestanddeel die al in de Unie in gebruik waren vóór 25 augustus 2010
is toegestaan. Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
|
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties heptabroomdifenylether van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer deze
voorkomt in stoffen.
- 2.
In verband met de vermeldingen betreffende tetra-, penta-, hexa-, hepta- en decaBDE is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing
op de volgende som van de concentraties van die stoffen:
- a)
10 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen, met uitzondering van
materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- b)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 200
mg/kg vanaf 30 december 2027 wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen die tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende
teruggewonnen materialen bevatten of ervan zijn vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact
komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- c)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 10 mg/kg
vanaf 17 mei 2027 wanneer zij voorkomen in speelgoed dat valt onder Richtlijn 2009/48/EG, of in elk product ter ondersteuning
van het zitten, de slaap, de relaxatie, de hygiëne, de verschoning en algemene lichaamsverzorging, de voeding, het zuigen,
het vervoer en de bescherming van kinderen, dat tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende teruggewonnen materialen
bevat of ervan is vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact komen en die onder Verordening
(EG) nr. 1935/2004 vallen.
- 3.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van de volgende voorwerpen toegestaan: elektrische en elektronische apparatuur die onder Richtlijn 2011/65/EU valt.
- 4.
Het gebruik van voorwerpen met heptabroomdifenylether als bestanddeel die al in de Unie in gebruik waren vóór 25 augustus
2010 is toegestaan. Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
|
Bis(pentabroomfenyl)ether (decabroomdifenylether; decaBDE) | | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties decaBDE van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer het voorkomt in
stoffen.
- 2.
In verband met de vermeldingen betreffende tetra-, penta-, hexa-, hepta- en decaBDE is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing
op de volgende som van de concentraties van die stoffen:
- a)
10 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen, met uitzondering van
materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- b)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 200
mg/kg vanaf 30 december 2027 wanneer zij voorkomen in mengsels of voorwerpen die tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende
teruggewonnen materialen bevatten of ervan zijn vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact
komen en onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen;
- c)
in afwijking van punt a), 500 mg/kg bij de inwerkingtreding van deze verordening, 350 mg/kg vanaf 30 december 2025 en 10
mg/kg vanaf 17 mei 2027 wanneer zij voorkomen in speelgoed dat valt onder Richtlijn 2009/48/EG, of in elk product ter ondersteuning
van het zitten, de slaap, de relaxatie, de hygiëne, de verschoning en algemene lichaamsverzorging, de voeding, het zuigen,
het vervoer en de bescherming van kinderen, dat tetra-, penta-, hexa-, hepta- of decaBDE-houdende teruggewonnen materialen
bevat of ervan is vervaardigd, met uitzondering van materialen die met levensmiddelen in contact komen en onder Verordening
(EG) nr. 1935/2004 vallen.
- 3.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van decaBDE toegestaan voor de volgende
doeleinden, op voorwaarde dat de lidstaten uiterlijk in december 2019 overeenkomstig het verdrag aan de Commissie verslag uitbrengen:
- a)
bij de vervaardiging van een luchtvaartuig waarvoor vóór 2 maart 2019 typegoedkeuring werd aangevraagd en vóór december 2022
werd verkregen, tot 18 december 2023, of, indien de voortdurende behoefte gerechtvaardigd is, tot 2 maart 2027;
- b)
bij de vervaardiging van reserveonderdelen voor: - i)
een luchtvaartuig waarvoor vóór 2 maart 2019 typegoedkeuring werd aangevraagd en vóór december 2022 werd verkregen, dat vóór
18 december 2023, of, indien de voortdurende behoefte gerechtvaardigd is, vóór 2 maart 2027 werd geproduceerd, tot het einde
van de levensduur van dat luchtvaartuig;
- ii)
binnen de werkingssfeer van Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad vallende motorvoertuigen, die vóór 15 juli 2019 werden geproduceerd, tot 2036, of, indien dat vroeger valt, tot het einde
van de levensduur van die motorvoertuigen;
- c)
elektrische en elektronische apparatuur die onder Richtlijn 2011/65/EU valt.
- 4.
De specifieke vrijstellingen voor reserveonderdelen voor gebruik in de in punt 3, onder b), ii), bedoelde motorvoertuigen
zijn van toepassing op de vervaardiging en het gebruik van commercieel decaBDE dat onder een of meer van de volgende categorieën
valt:
- a)
aandrijflijn en voorzieningen onder de motorkap, zoals massakabels van de accu, interconnectiekabels van de accu, buizen van
de klimaatregelingsapparatuur, aandrijflijn, bussen van het uitlaatspruitstuk, isolatie onder de motorkap, kabels en kabelboom
onder de motorkap (bekabeling van de motor enz.), snelheidssensoren, slangen, ventilatormodules en klopsensoren;
- b)
voorzieningen van het brandstofsysteem zoals brandstofslangen en al dan niet aan de onderzijde van de carrosserie bevestigde
brandstoftanks;
- c)
pyrotechnische voorzieningen en voorzieningen die daardoor worden beïnvloed, zoals ontstekingskabels van de airbags, stoelhoezen/-bekleding
(alleen voor zover relevant met het oog op de airbags) en airbags (frontaal en lateraal).
- 5.
Het gebruik van voorwerpen met decaBDE als bestanddeel die al in de Unie in gebruik waren vóór 15 juli 2019 is toegestaan.
Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
- 6.
Onverminderd de toepassing van andere EU-bepalingen inzake de indeling, verpakking en etikettering van stoffen en mengsels,
zijn voorwerpen waarin decaBDE zijn gebruikt gedurende de gehele levenscyclus identificeerbaar door middel van etikettering
of andere middelen.
- 7.
Het in de handel brengen en het gebruik van voorwerpen met decaBDE als bestanddeel die voor de toepassing van de specifieke
vrijstellingen in punt 3 worden ingevoerd, is toegestaan tot het verstrijken van die vrijstellingen. Punt 6 is van toepassing
alsof deze voorwerpen in overeenstemming met de vrijstelling van punt 3 zijn geproduceerd. Als zulke voorwerpen al in gebruik
waren op de datum waarop de desbetreffende vrijstelling is verstreken, mogen zij verder worden gebruikt.
- 8.
Voor de toepassing van deze vermelding wordt onder ‘luchtvaartuig’ verstaan: - a)
een burgerluchtvaartuig dat is geproduceerd overeenkomstig een typecertificaat afgegeven krachtens Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad , of overeenkomstig de goedkeuring van een ontwerp die is afgegeven krachtens de nationale regelgeving van een verdragsluitende
staat van de ICAO, of waarvoor een bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven door een verdragsluitende staat van de ICAO krachtens
bijlage 8 bij het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart;
- b)
een militair luchtvaartuig.
|
Perfluoroctaansulfonzuur (PFOS), zouten daarvan en aanverwante verbindingen (X = OH, metaalzout (O-M+), halogenide, amide en andere aanverwante verbindingen inclusief polymeren) | | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties PFOS of zouten daarvan van ten
hoogste 0,025 mg/kg (0,0000025 massaprocent) wanneer deze voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen.
- 2.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op de som van concentraties van alle aan PFOS
verwante verbindingen van ten hoogste 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) wanneer deze voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen.
- 3.
Het gebruik van voorwerpen met PFOS als bestanddeel die al in de Unie in gebruik waren vóór 25 augustus 2010, is toegestaan.
Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
|
DDT (1,1,1-trichloor-2,2-bis (4-chloorfenyl)ethaan) | | | |
| | | |
Hexachloorcyclohexanen, inclusief lindaan | | | |
| |
| |
| |
| | | |
| | | |
| | | |
| | | - 1.
Voorwerpen met endosulfan als bestanddeel die al in gebruik waren vóór of op 10 juli 2012, mogen in de handel gebracht en
gebruikt worden.
- 2.
Artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, is van toepassing op de in punt 1 bedoelde voorwerpen.
|
| | | In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties hexachloorbenzeen van ten hoogste
10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer de stof in stoffen, mengsels of voorwerpen voorkomt.
|
| | | |
| | | |
| | | |
Polychloorbifenylen (pcb's) | | | Onverminderd Richtlijn 96/59/EG mogen voorwerpen die ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening al in gebruik zijn, worden gebruikt.
De lidstaten moeten apparatuur (bv. transformatoren, condensatoren of andere apparatuur die vloeistoffen bevatten) die meer
dan 0,005 % pcb's en een volume van meer dan 0,05 dm3 bevat zo spoedig mogelijk maar uiterlijk op 31 december 2025 identificeren en uit gebruik nemen.
|
| | | |
| | | |
| | | |
‘Hexabroomcyclo-dodecaan’ omvat: hexabroomcyclododecaan, 1,2,5,6,9,10-hexabroomcyclododecaan en zijn voornaamste diastereo-isomeren:
α-hexabroomcyclododecaan, β-hexabroomcyclododecaan, en γ-hexabroomcyclododecaan
| | | - 1.
Voor de toepassing van deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties hexabroomcyclododecaan
van ten hoogste 75 mg/kg (0,0075 massaprocent) wanneer de stof voorkomt in stoffen, mengsels of voorwerpen of als bestanddeel
van de brandvertraagde voorwerpen. Voor het gebruik van gerecycleerd polystyreen bij de productie van EPS- en XPS-isolatiemateriaal
voor gebruik in gebouwen of civieltechnische werken, is punt b) van toepassing op concentraties hexabroomcyclododecaan van
ten hoogste 100 mg/kg (0,01 massaprocent). De in dit punt 1 bedoelde vrijstellingen worden uiterlijk op 1 januari 2026 beoordeeld
en herzien door de Commissie.
- 2.
Voorwerpen van geëxpandeerd polystyreen met hexabroomcyclododecaan als bestanddeel die al in gebruik waren in gebouwen vóór
21 februari 2018 overeenkomstig Verordening (EU) 2016/293 van de Commissie en Uitvoeringsbesluit 2016/C 12/06 van de Commissie , en voorwerpen van geëxtrudeerd polystyreen met hexabroomcyclododecaan als bestanddeel die al in gebruik waren in gebouwen
vóór 23 juni 2016, mogen verder worden gebruikt. Op dergelijke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
- 3.
Onverminderd de toepassing van andere EU-bepalingen inzake de indeling, verpakking en etikettering van stoffen en mengsels,
is geëxpandeerd polystyreen dat na 23 maart 2016 in de handel is gebracht en waarin hexabroomcyclododecaan werd gebruikt,
gedurende de gehele levenscyclus identificeerbaar door middel van etikettering of andere middelen.
|
| | | - 1.
Voorwerpen met hexachloorbutadieen als bestanddeel die vóór of op 10 juli 2012 al in gebruik waren, mogen in de handel gebracht
en gebruikt worden.
- 2.
Artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, is van toepassing op de in punt 1 bedoelde voorwerpen.
|
Pentachloorfenol en de zouten en esters daarvan | | | In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties van pentachloorfenol en zouten en esters daarvan van ten hoogste 5 mg/kg (0,0005 gewichtsprocent)
wanneer deze voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen.
|
| | | - 1.
Voorwerpen met polychloornaftaleen als bestanddeel die vóór of op 10 juli 2012 al in gebruik waren, mogen in de handel gebracht
en gebruikt worden.
- 2.
Artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, is van toepassing op de in punt 1 bedoelde voorwerpen.
|
Alkanen, C10-C13, chloor (gechloreerde paraffinen met een korte keten) (SCCP's)
| | | - 1.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van stoffen of mengsels met SCCP's als
bestanddeel in concentraties van minder dan 1 gewichtspercent of voorwerpen met SCCP's als bestanddeel in concentraties van
minder dan 0,15 gewichtspercent toegestaan.
- 2.
Het gebruik wordt toegestaan van: - a)
transportbanden in de mijnbouwindustrie en afdichtingsrubbers van waterkeringen met SCCP's als bestanddeel die vóór of op
4 december 2015 al in gebruik waren, en
- b)
andere dan de onder a) bedoelde voorwerpen met SCCP's als bestanddeel die vóór of op 10 juli 2012 al in gebruik waren.
- 3.
Artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, is van toepassing op de in punt 2 bedoelde voorwerpen.
|
Perfluoroctaanzuur (PFOA), zouten daarvan en aanverwante verbindingen Perfluoroctaanzuur (PFOA), zouten daarvan en aanverwante
verbindingen:
- i)
perfluoroctaanzuur, met inbegrip van vertakte isomeren daarvan; - ii)
- iii)
aanverwante verbindingen die voor de toepassing van het verdrag stoffen zijn die worden omgezet in PFOA, met inbegrip van
alle stoffen (waaronder zouten en polymeren) die een lineaire of vertakte perfluoroheptylgroep met het (C7F15)C-gedeelte hebben als een van de structurele elementen.
De volgende verbindingen zijn geen aanverwante verbindingen: - i)
C8F17-X, waar X = F, Cl, Br;
- ii)
fluoropolymeren die behoren tot CF3[CF2]n-R', waar R'= eender welke groep, n > 16;
- iii)
perfluoralkylcarbonzuren (met inbegrip van zouten, esters, halogeniden en anhydriden) met ≥ 8 geperfluoreerde koolstof; - iv)
perfluoralkaansulfonzuren en perfluorfosfonzuren (met inbegrip van zouten, esters, halogeniden en anhydriden) met ≥ 9 geperfluoreerde
koolstof;
- v)
perfluoroctaansulfonzuur (PFOS), zouten daarvan en aanverwante verbindingen, zoals opgenomen in deze bijlage.
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties PFOA of zouten daarvan van ten
hoogste 0,025 mg/kg (0,0000025 massaprocent) wanneer deze voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen.
- 2.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties afzonderlijke aanverwante verbindingen of een combinatie van aanverwante verbindingen van
ten hoogste 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) wanneer deze voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen.
- 3.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties aanverwante verbindingen van ten hoogste 20 mg/kg (0,002 massaprocent) wanneer deze voorkomen
in een stof die moet worden gebruikt als een vervoerd geïsoleerd tussenproduct in de zin van artikel 3, punt 15, onder c), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 en die voldoet aan de strikt gecontroleerde voorwaarden van artikel 18, lid 4, onder a) tot en met f), van die verordening voor de productie van fluorchemicaliën met een perfluorkoolstofketen van ten hoogste zes atomen.
- 4.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), tot en met 18 augustus 2023 van toepassing op concentraties PFOA
en zouten daarvan van ten hoogste 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) wanneer deze voorkomen in polytetrafluorethyleenmicropoeder
(PTFE-micropoeder) die wordt geproduceerd door ioniserende doorstraling of door thermische afbraak, of in mengsels en voorwerpen
voor industrieel en professioneel gebruik die PTFE- micropoeders bevatten. Alle PFOA-uitstoot tijdens de vervaardiging en
het gebruik van PTFE-micropoeder moeten worden vermeden en, indien niet mogelijk, zo veel mogelijk worden beperkt. De grenswaarde
van 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) is alleen van toepassing op de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van
PFOA en zouten daarvan wanneer zij voorkomen in PTFE-micropoeders die worden vervoerd of worden behandeld om de concentratie
van PFOA en zouten daarvan te verlagen tot onder de grenswaarde van 0,025 mg/kg (0,0000025 % massaprocent).
- 4 bis.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties PFOA of zouten daarvan van ten
hoogste 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) en op concentraties afzonderlijke aanverwante verbindingen of een combinatie van aanverwante
verbindingen van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer deze voorkomen in blusschuim voor de bestrijding van dampen
van vloeibare brandstoffen en branden van vloeibare brandstoffen (branden van klasse B), dat al in geïnstalleerde installaties
aanwezig is. Deze grenswaarde geldt tot en met 3 augustus 2028.
- 4 ter.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op de som van de concentratie van PFOA, zouten
daarvan en aanverwante verbindingen van ten hoogste 10 mg/kg (0,001 massaprocent) wanneer zij voorkomen in fluorvrij blusschuim
en afkomstig zijn van brandbestrijdingsapparatuur die volgens de beste beschikbare technieken is gereinigd.
- 5.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van PFOA, zouten daarvan en aanverwante
verbindingen toegestaan voor de volgende toepassingen:
- a)
fotolithografische of etsprocessen bij de vervaardiging van halfgeleiders, tot en met 4 juli 2025; - b)
fotografische coatings voor films, tot en met 4 juli 2025; - c)
olie- en waterafstotend textiel voor de bescherming van werknemers tegen gevaarlijke vloeistoffen die risico's voor hun gezondheid
en veiligheid inhouden, tot en met 4 juli 2023;
- d)
invasieve en implanteerbare medische hulpmiddelen, tot en met 4 juli 2025;
- 6.
In afwijking hiervan zijn het gebruik van PFOA, zouten daarvan en aanverwante verbindingen toegestaan in blusschuim voor de
bestrijding van dampen van vloeibare brandstoffen en branden van vloeibare brandstoffen (branden van klasse B), dat al in
geïnstalleerde, zowel mobiele als vaste, installaties aanwezig is, tot en met 3 december 2025, met inachtneming van de volgende
voorwaarden:
- a)
blusschuim dat PFOA, zouten daarvan en/of aanverwante verbindingen bevat of kan bevatten, wordt niet voor opleidingsdoeleinden
gebruikt;
- b)
blusschuim dat PFOA, zouten daarvan en/of aanverwante verbindingen bevat of kan bevatten, wordt niet voor testdoeleinden gebruikt,
tenzij alle vrijgekomen stoffen worden opgevangen;
- c)
vanaf 1 januari 2023 wordt het gebruik van blusschuim dat PFOA, zouten daarvan en/of aanverwante verbindingen bevat of kan
bevatten, alleen toegestaan in sites waar alle vrijgekomen stoffen kunnen worden opgevangen;
- d)
voorraden van blusschuim dat PFOA, zouten daarvan en/of aanverwante verbindingen bevat of kan bevatten, worden beheerd overeenkomstig
artikel 5.
Onder ‘blusschuim’ wordt verstaan elk mengsel voor de bestrijding van branden met schuim, met inbegrip van, maar niet beperkt
tot, blusschuimconcentraten en blusschuimoplossingen voor de productie van schuim.
- 7.
In afwijking hiervan is het gebruik van perfluoroctylbromide met perfluoroctyljodide voor de productie van farmaceutische
producten toegestaan, onder voorbehoud van een herziening en beoordeling door de Commissie uiterlijk op 31 december 2026 en
daarna om de vier jaar, en uiterlijk op 31 december 2036.
- 8.
Het gebruik van voorwerpen met PFOA, zouten daarvan en/of aanverwante verbindingen die al in de Unie in gebruik waren vóór
4 juli 2020 is toegestaan. Op zulke voorwerpen is artikel 4, lid 2, derde en vierde alinea, van toepassing.
- 9.
In afwijking hiervan zijn de vervaardiging, het in de handel brengen en het gebruik van PFOA, zouten daarvan en aanverwante
verbindingen tot en met 3 december 2020 toegestaan voor de volgende toepassingen:
- a)
niet-implanteerbare medische hulpmiddelen in de zin van Verordening (EU) 2017/745 ,
- b)
- c)
- 10.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, onder b), van toepassing op concentraties PFOA en zouten daarvan en/of aanverwante verbindingen van ten hoogste 2 mg/kg (0,0002 massaprocent)
wanneer zij aanwezig zijn in andere medische hulpmiddelen dan invasieve hulpmiddelen en implanteerbare hulpmiddelen.
- 11.
Voorwerpen die PFOA, zouten daarvan of aanverwante verbindingen bevatten en die reeds in de Unie in gebruik waren vóór of
op de datum waarop de in de punten 5, a) tot en met d), vastgestelde vrijstelling verstrijkt, mogen na die datum gebruikt
blijven worden.
|
| | | |
Perfluorhexaansulfonzuur (PFHxS), de zouten daarvan en aan PFHxS verwante verbindingen Onder ‘perfluorhexaansulfonzuur (PFHxS), de zouten daarvan en aan PFHxS verwante verbindingen’ wordt verstaan: - i)
perfluorhexaansulfonzuur, met inbegrip van vertakte isomeren daarvan; - ii)
- iii)
aan PFHxS verwante verbindingen, waaronder — wat het verdrag betreft — wordt verstaan elke stof die de C6F13S-groep als een van de structurele elementen bevat en die wordt afgebroken tot PFHxS.
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties PFHxS of de zouten daarvan van
ten hoogste 0,025 mg/kg (0,0000025 massaprocent) wanneer deze voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen.
- 2.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op de som van concentraties van alle aan PFHxS
verwante verbindingen van ten hoogste 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) wanneer zij in stoffen, mengsels of voorwerpen voorkomen.
- 3.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties PFHxS, de zouten daarvan en aan
PFHxS verwante verbindingen van ten hoogste 0,1 mg/kg (0,00001 massaprocent) wanneer het aanwezig is in geconcentreerde mengsels
van blusschuim die bestemd zijn of worden gebruikt voor de productie van andere mengsels van blusschuim. De Commissie zal
deze uitzondering uiterlijk op 28 augustus 2026 beoordelen en herzien.
|
‘Methoxychloor’ verwijst naar elk mogelijk isomeer van dimethoxydifenyltrichloorethaan of een combinatie daarvan. | | | In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties methoxychloor van ten hoogste
0,01 mg/kg (0,000001 % massaprocent) wanneer zij in stoffen, mengsels of voorwerpen voorkomen.
|
2-(2H-benzotriazool- 2-yl)-4,6-di-tert-pentylfenol (UV-328)
| | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties UV-328 van ten hoogste: - a)
100 mg/kg (0,01 massaprocent) met ingang van 4 augustus 2025, - b)
10 mg/kg (0,001 massaprocent) met ingang van 4 augustus 2027, - c)
1 mg/kg (0,0001 massaprocent) met ingang van 4 augustus 2029,
wanneer zij voorkomen in stoffen, mengsels of voorwerpen. - 2.
In afwijking hiervan zijn het in de handel brengen van in voorwerpen voorkomend UV-328 en het gebruik van dergelijke voorwerpen
toegestaan voor de volgende toepassingen:
- a)
in motorvoertuigen op het land, tot en met 4 augustus 2030; - b)
in industriële coatings voor motorvoertuigen op het land, technische machines, spoorvoertuigen en in resistente coatings voor
grote staalconstructies, tot en met 4 augustus 2030;
- c)
in separatoren in bloedafnamebuisjes, tot en met 4 augustus 2030; - d)
in folie van cellulosetriacetaat in polarisatoren, tot en met 4 augustus 2030; - e)
in fotografisch papier, tot en met 4 augustus 2030; - f)
in civiele en militaire luchtvaartuigen, tot en met 4 augustus 2030; - g)
in reserveonderdelen voor: - i)
motorvoertuigen op het land; - ii)
stationaire industriële machines voor gebruik in de landbouw, de bosbouw en de bouw; - iii)
schermen met vloeibare kristallen in andere dan voor medische toepassingen bestemde instrumenten voor analyse, metingen, controle,
toezicht, tests, productie en inspectie;
indien UV-328 oorspronkelijk bij de productie ervan werd gebruikt, tot het einde van de levensduur van die producten of, indien
dat eerder is, tot en met 31 december 2043;
- h)
in reserveonderdelen voor: - i)
schermen met vloeibare kristallen in hulpmiddelen die binnen het toepassingsgebied van Verordening (EU) 2017/745 en van Verordening
(EU) 2017/746 van het Europees Parlement en de Raad vallen;
- ii)
schermen met vloeibare kristallen in instrumenten voor analyse, metingen, controle, tests, productie en inspectie; indien UV-328 oorspronkelijk bij de productie ervan werd gebruikt, tot het einde van de levensduur van die producten;
- i)
in reserveonderdelen voor civiele en militaire luchtvaartuigen indien UV-328 oorspronkelijk bij de productie ervan werd gebruikt,
tot en met 31 december 2030.
- 3.
Voorwerpen die UV-328 bevatten en die reeds in de Unie in gebruik waren vóór of op de datum waarop de in punt 2, a) tot en
met i), vastgestelde vrijstelling verstrijkt, mogen na die datum gebruikt blijven worden.
|
‘Dechlorane Plus’ omvat het syn-isomeer en het anti-isomeer | | | - 1.
In verband met deze vermelding is artikel 4, lid 1, punt b), van toepassing op concentraties Dechlorane Plus: - a)
van ten hoogste 1 000 mg/kg (0,1 massaprocent) wanneer zij in stoffen, mengsels of voorwerpen voorkomen, tot en met 15 april
2028;
- b)
van ten hoogste 1 mg/kg (0,0001 massaprocent) wanneer zij in stoffen, mengsels of voorwerpen voorkomen, na 15 april 2028.
- 2.
In afwijking hiervan zijn het in de handel brengen en het gebruik van Dechlorane Plus toegestaan voor de volgende toepassingen: - a)
luchtvaart-, ruimtevaart- en defensietoepassingen, tot en met 26 februari 2030; - b)
toepassingen voor medische beeldvorming, tot en met 26 februari 2030; - c)
apparaten en installaties voor radiotherapie, tot en met 26 februari 2030; - d)
reserveonderdelen voor, en de reparatie van: - i)
motorvoertuigen op het land; - ii)
stationaire industriële machines voor gebruik in de landbouw, de bosbouw en de bouw; - iii)
andere dan de in punt ii) bedoelde scheeps-, tuin- en bosbouwuitrusting en motoraangedreven buitenapparatuur; - iv)
luchtvaart-, ruimtevaart- en defensietoepassingen; - v)
instrumenten voor analyse, metingen, controle, toezicht, tests, productie en inspectie;
indien Dechlorane Plus oorspronkelijk bij de productie ervan werd gebruikt, tot het einde van de levensduur van die producten
of, indien dat eerder is, tot en met 31 december 2043.
- e)
reserveonderdelen voor, en de reparatie van: - i)
medische hulpmiddelen en toebehoren van medische hulpmiddelen die binnen het toepassingsgebied van Verordening (EU) 2017/745
vallen;
- ii)
medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek en toebehoren van medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek die binnen
het toepassingsgebied van Verordening (EU) 2017/746 vallen;
indien Dechlorane Plus oorspronkelijk bij de productie ervan werd gebruikt, tot het einde van de levensduur van die producten.
- 3.
De Commissie beoordeelt uiterlijk op 1 april 2028 de noodzaak van een verlenging van de specifieke vrijstellingen in de punt
2, a), b) en c).
- 4.
Voorwerpen die Dechlorane Plus bevatten en die reeds in de Unie in gebruik waren vóór of op de datum waarop de in de punt
2, a) tot en met d), vastgestelde vrijstelling verstrijkt, mogen na die datum gebruikt blijven worden.
- 5.
Het in de handel brengen en het gebruik van reserveonderdelen die Dechlorane Plus bevatten als bedoeld in punt 2, d), iv),
die vóór of op 31 december 2043 op het grondgebied van de Unie aanwezig zijn, zijn toegestaan.
|