Einde inhoudsopgave
Besluit rechtspositie korps politie BES
Artikel 23
Geldend
Geldend vanaf 10-04-2026. Let op: treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 01-03-2025
- Bronpublicatie:
28-03-2026, Stb. 2026, 78 (uitgifte: 09-04-2026, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
10-04-2026, terugwerkend tot: 01-03-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
28-03-2026, Stb. 2026, 78 (uitgifte: 09-04-2026, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Ambtenarenrecht / Aanstelling
Ambtenarenrecht / Arbeidstijden
Ambtenarenrecht / Bezoldiging
Politierecht / Bijzondere onderwerpen
Ambtenarenrecht / Disciplinaire straffen
Ambtenarenrecht / Functiewaardering
Ambtenarenrecht / Ontslag
Ambtenarenrecht / Verlof
Ambtenarenrecht / Ziekte
1.
Aan de ambtenaar aangesteld voor de uitvoering van de politietaak die een functie bekleedt in de rang van aspirant, agent, brigadier of hoofdagent en die uit hoofde van zijn functie onvermijdelijk arbeid wordt opgedragen buiten het voor hem ingevolge artikel 26 vastgestelde dienstrooster, wordt een beloning toegekend op de in artikel 25, derde tot en met zevende lid, van het Rechtspositiebesluit ambtenaren BES bepaalde voet.
2.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt een gewerkte tijd van dertig minuten of meer, doch korter dan een uur, als een vol uur aangemerkt.
3.
Aan de ambtenaar aangesteld voor de uitvoering van de politietaak die een functie bekleedt in de rang van inspecteur of hoger en die uit hoofde van zijn functie onvermijdelijke arbeid wordt opgedragen buiten het voor hem ingevolge artikel 26 vastgestelde dienstrooster, wordt een vergoeding in vrije tijd toegekend berekend naar de gemaakte uren en overuren en bepaald op:
- a.
100 procent, indien het een dienstuitoefening betreft wegens verschuiving van dienst binnen twee maal 24 uur van de oorspronkelijk voorgeschreven dienst;
- b.
150 procent, indien het een dienstuitoefening betreft op week- en zaterdagen, en
- c.
200 procent, indien het een dienstuitoefening betreft op roostervrije- zon- en feestdagen of arbeid opgedragen buiten het voor hem ingevolge artikel 26 vastgestelde dienstrooster in verband met buitengewone omstandigheden of calamiteiten.
4.
De vergoeding in vrije tijd als bedoeld in het derde lid wordt genoten in dezelfde kalendermaand waarin de arbeid werd opgedragen dan wel in de daarop volgende kalendermaand.
5.
Indien geen vrije tijd als bedoeld in het derde lid kan worden toegekend, ontvangt de ambtenaar een vergoeding overeenkomende met zijn uurloon voor arbeid opgedragen ingevolge het dienstrooster.