Einde inhoudsopgave
Procesreglement bestuursrecht rechtbanken
Artikel 2.13 De dagbepaling van de zitting
Geldend
Geldend vanaf 01-07-2025
- Redactionele toelichting
De datum van afkondiging is de datum van de Staatscourant.
- Bronpublicatie:
30-06-2025, Stcrt. 2025, 20750 (uitgifte: 30-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
01-07-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
30-06-2025, Stcrt. 2025, 20750 (uitgifte: 30-06-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Vreemdelingenrecht / Vreemdelingenprocesrecht
Bestuursprocesrecht / Algemeen
1.
De griffier kan partijen bij wijze van aankondiging voorafgaand aan de uitnodiging of de oproeping meedelen op welke dag de zitting plaatsvindt. Als een partij na de vooraankondiging om een andere datum verzoekt, dient deze dit verzoek in binnen een week na de verzending van de aankondiging. Deze partij motiveert dit verzoek en vermeldt in dit verzoek de verhinderdata binnen een periode van twee weken voor tot drie maanden na de geagendeerde zittingsdatum. De rechtbank kan om bewijsstukken vragen.
2.
Als een partij na de uitnodiging voor de zitting om uitstel van de zitting verzoekt, dient deze dit verzoek onder aanvoering van gewichtige redenen schriftelijk, tijdig en zo mogelijk onderbouwd met bewijstukken in. Onder tijdig wordt verstaan: zo spoedig mogelijk na ontvangst van de uitnodiging of zo spoedig mogelijk nadat van de tot uitstel vragende omstandigheid is gebleken. De partij moet in het verzoek om uitstel verhinderdata tot drie maanden na de zittingsdatum opnemen.
3.
De rechtbank willigt een verzoek dat voldoet aan de in het eerste of tweede lid van dit artikel omschreven voorwaarden in, tenzij de rechtbank oordeelt dat zwaarder wegende bij de behandeling van de zaak betrokken belangen hieraan in de weg staan. Als zwaarder wegende belangen kunnen mede worden aangemerkt een voor de rechtbank geldende beslistermijn, het belang van een tijdige uitspraak en het belang van andere bij de behandeling van de zaak betrokken belanghebbenden. Bij een verzoek om uitstel van de zitting kan de rechtbank betrekken de situatie dat voorafgaand aan de uitnodiging een aankondiging met de zittingsdatum is verzonden of de zittingsdatum op een andere manier met partijen is afgestemd.
4.
De griffier deelt een afwijzing van het verzoek binnen een week na ontvangst van dit verzoek aan de verzoekende partij mee. De griffier stelt partijen en eventuele andere betrokkenen binnen een week van ontvangst van dit verzoek in kennis van een beslissing tot vaststelling van een andere zittingsdatum of uitstel van de behandeling op zitting.