Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2023/2631 betreffende Europese groene obligaties en optionele openbaarmakingen voor obligaties die als ecologisch duurzame obligaties op de markt worden gebracht en voor aan duurzaamheid gekoppelde obligaties
Artikel 4 Gebruik van de opbrengsten van Europese groene obligaties
Geldend
Geldend vanaf 20-12-2023
- Bronpublicatie:
22-11-2023, PbEU L 2023, 2023/2631 (uitgifte: 30-11-2023, regelingnummer: 2023/2631)
- Inwerkingtreding
20-12-2023
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
22-11-2023, PbEU L 2023, 2023/2631 (uitgifte: 30-11-2023, regelingnummer: 2023/2631)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Europees financieel recht
Milieurecht / Algemeen
1.
Vóór de vervaldag van een Europese groene obligatie worden de opbrengsten van een dergelijke obligatie volledig toegewezen, in overeenstemming met de taxonomievereisten, aan een of meer van de volgende categorieën (de ‘geleidelijke benadering’):
- a)
vaste activa die geen financiële activa zijn;
- b)
kapitaaluitgaven die onder punt 1.1.2.2 van bijlage I bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178 vallen;
- c)
operationele uitgaven die onder punt 1.1.3.2 van bijlage I bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178 vallen en niet meer dan drie jaar vóór de uitgifte van de Europese groene obligatie werden gedaan;
- d)
financiële activa die niet meer dan vijf jaar na de uitgifte van de Europese groene obligatie werden gecreëerd;
- e)
activa en uitgaven van huishoudens.
In afwijking van de eerste alinea kunnen uitgevende instellingen uitgiftekosten aftrekken van de opbrengsten van de Europese groene obligatie voordat zij die opbrengsten toewijzen.
2.
In afwijking van lid 1 kunnen uitgevende instellingen de opbrengsten van een of meer uitstaande Europese groene obligaties toewijzen aan een portefeuille van vaste activa of financiële activa in overeenstemming met de taxonomievereisten (de ‘portefeuillebenadering’).
Indien uitgevende instellingen opbrengsten toewijzen in overeenstemming met de eerste alinea van dit lid, tonen zij in de in artikel 11 bedoelde toewijzingsverslagen aan dat de totale waarde van de in de eerste alinea van dit lid bedoelde activa in hun portefeuille groter is dan de totale waarde van hun portefeuille van uitstaande Europese groene obligaties.
3.
In afwijking van lid 1 kan een overheidsentiteit of een uitgevende instelling uit een derde land die een staat, een lid van een federatie in het geval van een federale staat, of een regionale of gemeentelijke entiteit is, de opbrengsten van Europese groene obligaties die zij heeft uitgegeven ook toewijzen aan belastingkorting, subsidies, intermediair verbruik, inkomensoverdrachten binnen een overheid, inkomensoverdrachten in verband met internationale samenwerking of andere soorten overheidsuitgaven, op voorwaarde dat de opbrengsten worden toegewezen in overeenstemming met de taxonomievereisten.