Einde inhoudsopgave
Verordening (EG) nr. 6/2002 betreffende Uniemodellen
Artikel 3 Definities
Geldend
Geldend van 08-12-2024 tot 01-07-2026
- Redactionele toelichting
Wordt toegepast vanaf 01-05-2025.
- Bronpublicatie:
23-10-2024, PbEU L 2024, 2024/2822 (uitgifte: 18-11-2024, regelingnummer: 2024/2822)
- Inwerkingtreding
08-12-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
23-10-2024, PbEU L 2024, 2024/2822 (uitgifte: 18-11-2024, regelingnummer: 2024/2822)
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Modellen- en merkenrecht
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
- a)
‘model’: de verschijningsvorm van een voortbrengsel of een deel ervan, die wordt afgeleid uit de kenmerken, met name de lijnen, de omtrek, de kleuren, de vorm, de textuur en/of de materialen, van het voortbrengsel zelf en/of van de versiering ervan, met inbegrip van de beweging, de transitie of elk ander type animatie van die kenmerken;
- b)
‘voortbrengsel’: elk op industriële of ambachtelijke wijze vervaardigd voorwerp dat geen computerprogramma is, ongeacht of het is belichaamd in een fysiek object of in niet-fysieke vorm wordt verwezenlijkt, met inbegrip van:
- a)
verpakkingen, sets van artikelen, ruimtelijke ordeningen van voorwerpen die bedoeld zijn om een binnen- of buitenomgeving te vormen, en onderdelen die zijn bestemd om tot een samengesteld voortbrengsel te worden samengevoegd;
- b)
grafische werken of symbolen, logo’s, oppervlaktepatronen, typografische lettertypen en grafische gebruikersinterfaces;
- c)
‘samengesteld voortbrengsel’: een voortbrengsel dat bestaat uit meerdere onderdelen die vervangen kunnen worden, zodat het voortbrengsel uit elkaar gehaald en weer in elkaar gezet kan worden.