Einde inhoudsopgave
Richtlijn (EU) 2024/1760 inzake passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid en tot wijziging van richtlijn (EU) 2019/1937 en verordening (EU) 2023/2859
Artikel 23 Gemachtigde vertegenwoordiger
Geldend
Geldend vanaf 25-07-2024
- Bronpublicatie:
13-06-2024, PbEU L 2024, 2024/1760 (uitgifte: 05-07-2024, regelingnummer: 2024/1760)
- Inwerkingtreding
25-07-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
13-06-2024, PbEU L 2024, 2024/1760 (uitgifte: 05-07-2024, regelingnummer: 2024/1760)
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Economische ordening
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
1.
De lidstaten schrijven een op hun grondgebied opererende onderneming als bedoeld in artikel 2, lid 2, voor een natuurlijke of rechtspersoon die gevestigd of woonachtig is in een van de lidstaten waar zij werkzaam is, als haar gemachtigde vertegenwoordiger aan te wijzen. De aanwijzing is geldig wanneer de gemachtigde vertegenwoordiger bevestigt deze te aanvaarden.
2.
De lidstaten schrijvende gemachtigde vertegenwoordiger of de onderneming voor de naam, het adres, het e-mailadres en het telefoonnummer van de gemachtigde vertegenwoordiger mede te delen aan een toezichthoudende autoriteit in de lidstaat waar de gemachtigde vertegenwoordiger woonachtig of gevestigd is en, indien dat een andere lidstaat is, de bevoegde toezichthoudende autoriteit, zoals gespecificeerd in artikel 24, lid 3. De lidstaten zorgen ervoor dat de gemachtigde vertegenwoordiger verplicht is op verzoek een afschrift van de aanwijzing in een officiële taal van een lidstaat aan een van de toezichthoudende autoriteiten te verstrekken.
3.
De lidstaten schrijven de gemachtigde vertegenwoordiger of de onderneming voor een toezichthoudende autoriteit in de lidstaat waar de gemachtigde vertegenwoordiger woonachtig of gevestigd is en, indien dit een andere lidstaat is, de bevoegde toezichthoudende autoriteit, zoals gespecificeerd in artikel 24, lid 3, ervan in kennis te stellen dat de onderneming een onderneming is als bedoeld in artikel 2, lid 2.
4.
De lidstaten schrijven elke onderneming voor haar gemachtigde vertegenwoordiger de bevoegdheid te verlenen om van de toezichthoudende autoriteiten kennisgevingen te ontvangen over alle aangelegenheden die nodig zijn voor de naleving en de handhaving van nationaalrechtelijke bepalingen ter omzetting van deze richtlijn. De ondernemingen zijn verplicht hun gemachtigde vertegenwoordiger de nodige bevoegdheden en middelen te geven om met de toezichthoudende autoriteiten te kunnen samenwerken.
5.
Ingeval een onderneming als bedoeld in artikel 2, lid 2, de bij dit artikel vastgestelde verplichtingen niet nakomt, zijn alle lidstaten waar die onderneming actief is, bevoegd om de nakoming van die verplichtingen af te dwingen overeenkomstig hun nationale recht. Een lidstaat die voornemens is de in dit artikel neergelegde verplichtingen te handhaven, stelt de toezichthoudende autoriteiten daarvan in kennis via het overeenkomstig artikel 28 ingestelde Europees netwerk van toezichthoudende autoriteiten, opdat andere lidstaten deze niet handhaven.