Einde inhoudsopgave
Besluit register deskundige in strafzaken
Artikel 5 [Samenstelling College]
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
06-11-2025, Stb. 2025, 356 (uitgifte: 14-11-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
06-11-2025, Stb. 2025, 356 (uitgifte: 14-11-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Overige regelgevende instantie(s)
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
1.
De leden van het College worden benoemd op grond van de deskundigheid die nodig is voor een goede vervulling van de in artikel 4 genoemde taken alsmede op grond van hun brede maatschappelijke kennis en ervaring.
2.
Het College bestaat uit een door Onze Minister te bepalen oneven aantal leden, waarvan in elk geval deel uitmaken:
- a.
één met rechtspraak belast lid van de rechterlijke macht, tevens voorzitter;
- b.
één lid op aanbeveling van het College van procureurs-generaal;
- c.
één advocaat;
- d.
één lid op aanbeveling van de korpschef, bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Politiewet 2012;
- e.
drie deskundigen op een voor het vervullen van de taken van het College relevant terrein van wetenschapsbeoefening, waarvan ten minste één gerechtelijk deskundige.