Einde inhoudsopgave
Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
Artikel 3.3 Overgang naar andere inwonersklasse
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2019
- Bronpublicatie:
15-10-2018, Stb. 2018, 386 (uitgifte: 06-11-2018, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
01-01-2019
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
15-10-2018, Stb. 2018, 386 (uitgifte: 06-11-2018, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Ambtenarenrecht / Bijzondere onderwerpen
Staatsrecht / Decentralisatie
1.
Een gemeente gaat voor de toepassing van artikel 3.2 in verband met de toeneming van het aantal inwoners over naar een hogere klasse met ingang van het jaar waarin op 1 januari het aantal inwoners van die gemeente de minimumgrens van de volgende klasse bereikt heeft en blijkt dat zij die grens ook heeft bereikt op:
- a.
1 januari van het volgende jaar, of
- b.
de dag voorafgaande aan een wijziging van de gemeentelijke indeling waarin zij is betrokken.
2.
Overgang van een gemeente naar een lagere klasse in verband met de vermindering van het aantal inwoners vindt plaats met ingang van het jaar waarin het aantal inwoners van de gemeente op 1 januari voor de tweede achtereenvolgende maal beneden de minimumgrens van de klasse, waarin de gemeente tot dusver ingedeeld was, gedaald is.
3.
Voor gemeenten waarvan het aantal inwoners ten gevolge van grenscorrecties of wijziging van de gemeentelijke indeling wijziging heeft ondergaan, vindt de overgang naar een hogere of lagere klasse plaats met ingang van de datum van de grenscorrectie of wijziging van de gemeentelijke indeling. Hierbij geldt het aantal inwoners, zoals dit voor de eerste maal na die datum met inachtneming van die grenscorrectie of wijziging van de gemeentelijke indeling door het Centraal Bureau voor de Statistiek wordt openbaar gemaakt.
4.
Voor de eerste indeling van een nieuw ingestelde gemeente vindt het derde lid overeenkomstige toepassing.