Einde inhoudsopgave
Richtlijn (EU) 2025/1 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU en (EU) 2017/1132 en de Verordeningen (EU) nr. 1094/2010, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 806/2014 en (EU) 2017/1129
Artikel 70 Afwikkelingscolleges
Geldend
Geldend vanaf 28-01-2025
- Bronpublicatie:
27-11-2024, PbEU L 2025, 2025/1 (uitgifte: 08-01-2025, regelingnummer: 2025/1)
- Inwerkingtreding
28-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
27-11-2024, PbEU L 2025, 2025/1 (uitgifte: 08-01-2025, regelingnummer: 2025/1)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Verzekeringsrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
Afwikkelingsautoriteiten op groepsniveau richten afwikkelingscolleges op om de in de artikelen 10, 11, 14, 16, 73 en 74 bedoelde taken uit te voeren en, in voorkomend geval, de samenwerking en coördinatie met afwikkelingsautoriteiten van derde landen te verzekeren.
Met name voorzien afwikkelingscolleges in een kader voor de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau en de andere betrokken afwikkelingsautoriteiten en, in voorkomend geval, toezichthoudende autoriteiten en groepstoezichthouders om de volgende taken uit te voeren:
- a)
uitwisselen van informatie die relevant is voor het opstellen van groepsafwikkelingsplannen en voor het uitoefenen van afwikkelingsbevoegdheden ten aanzien van groepen;
- b)
opstellen van groepsafwikkelingsplannen;
- c)
beoordelen van de afwikkelbaarheid van groepen op grond van artikel 14;
- d)
uitoefenen van bevoegdheden om obstakels voor de afwikkelbaarheid van groepen op grond van artikel 16 aan te pakken of te verwijderen;
- e)
een beslissing nemen inzake de noodzaak van het opzetten van een in artikel 73 of artikel 74 bedoelde groepsafwikkelingsregeling;
- f)
een akkoord sluiten over een overeenkomstig artikel 73 of artikel 74 voorgestelde groepsafwikkelingsregeling;
- g)
coördineren van de openbare communicatie van groepsafwikkelingsstrategieën en -plannen;
- h)
coördineren van het gebruik van verzekeringsgarantiestelsels of financieringsregelingen.
Voorts kunnen afwikkelingscolleges worden benut als discussieforum voor vraagstukken betreffende grensoverschrijdende groepsafwikkeling.
2.
De volgende entiteiten zijn lid van het afwikkelingscollege:
- a)
de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau;
- b)
de afwikkelingsautoriteiten van elke lidstaat waarin een aan groepstoezicht onderworpen dochteronderneming is gevestigd;
- c)
de afwikkelingsautoriteiten van de lidstaten waar een moederonderneming van een of meer ondernemingen van de groep, die een entiteit is als bedoeld in artikel 1, lid 1, punt b), d) of e), is gevestigd;
- d)
de groepstoezichthouder en de toezichthoudende autoriteiten van de lidstaten indien de afwikkelingsautoriteit een lid van het afwikkelingscollege is;
- e)
de bevoegde ministeries, indien de afwikkelingsautoriteiten die lid zijn van het afwikkelingscollege, niet de bevoegde ministeries zijn;
- f)
indien van toepassing, de voor het verzekeringsgarantiestelsel bevoegde overheidsinstantie van een lidstaat indien de afwikkelingsautoriteit van die lidstaat lid is van het afwikkelingscollege;
- g)
de Eiopa, onder voorbehoud van het bepaalde in de tweede alinea;
- h)
de afwikkelingsautoriteiten in de lidstaten waarin de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen van de groep significante grensoverschrijdende activiteiten ontplooien.
Voor de toepassing van de eerste alinea, punt g), draagt de Eiopa bij tot het bevorderen en monitoren van de efficiënte, doeltreffende en consistente werking en onderlinge convergentie van afwikkelingscolleges. Daartoe wordt de Eiopa uitgenodigd om aan de vergaderingen van het afwikkelingscollege deel te nemen. De Eiopa heeft geen stemrecht.
Voor de toepassing van de eerste alinea, punt h), beperkt de deelname van de afwikkelingsautoriteiten zich tot het verwezenlijken van de doelstellingen van efficiënte uitwisseling van informatie.
3.
De afwikkelingsautoriteiten van derde landen kunnen, indien een moederonderneming of een in de Unie gevestigde onderneming een verzekerings- of herverzekeringsdochteronderneming die of bijkantoor heeft dat als significant zou worden beschouwd indien die dochteronderneming of dat bijkantoor zich in de Unie bevonden, uitgenodigd worden om als waarnemer deel te nemen aan het afwikkelingscollege, mits die autoriteiten onderworpen zijn aan vertrouwelijkheidsvoorschriften die naar het oordeel van de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau gelijkwaardig zijn aan die welke bij artikel 80 zijn vastgelegd.
4.
Indien de groep een financieel conglomeraat is of daar deel van uitmaakt, worden de desbetreffende overeenkomstig artikel 3 van Richtlijn 2014/59/EU aangewezen autoriteiten uitgenodigd om als waarnemer deel te nemen aan het afwikkelingscollege.
5.
De afwikkelingsautoriteit op groepsniveau is voorzitter van het afwikkelingscollege. In die hoedanigheid zal zij:
- a)
schriftelijke regelingen en procedures voor de werking van het afwikkelingscollege opstellen, na de andere leden van het afwikkelingscollege te hebben geraadpleegd;
- b)
alle werkzaamheden van het afwikkelingscollege coördineren;
- c)
de vergaderingen van het afwikkelingscollege bijeenroepen en voorzitten, en alle leden van het afwikkelingscollege vooraf volledig informeren over de organisatie van vergaderingen van het afwikkelingscollege, de voornaamste agendapunten en de in overweging te nemen punten;
- d)
de leden van het afwikkelingscollege op de hoogte houden van geplande vergaderingen zodat zij kunnen verzoeken deel te nemen;
- e)
beslissen, op basis van de specifieke behoeften, welke leden en waarnemers voor bepaalde vergaderingen van het afwikkelingscollege moeten worden uitgenodigd, met inachtneming van het belang van het te bespreken punt voor die leden en waarnemers;
- f)
alle leden van het college tijdig informeren over de besluiten en resultaten van die vergaderingen.
Onverminderd de eerste alinea, punt e), hebben de afwikkelingsautoriteiten het recht aan de vergaderingen van het afwikkelingscollege deel te nemen wanneer er punten op de agenda staan waarover een gezamenlijk besluit moet worden genomen of er agendapunten zijn die een in hun lidstaat gelegen groepsentiteit betreffen.
6.
Afwikkelingsautoriteiten op groepsniveau zijn niet verplicht een afwikkelingscollege op te richten indien andere groepen of colleges dezelfde functies vervullen en dezelfde taken uitvoeren als die welke in lid 1 zijn vermeld en alle in dit artikel en in artikel 72 vastgelegde voorwaarden en procedures, met inbegrip van die betreffende lidmaatschap van en deelname aan afwikkelingscolleges, in acht nemen. In een dergelijk geval worden alle in deze richtlijn voorkomende verwijzingen naar afwikkelingscolleges beschouwd als verwijzingen naar deze andere groepen of colleges.
7.
De Eiopa stelt ontwerpen van technische reguleringsnormen op ter bepaling van de operationele werking van de afwikkelingscolleges voor het verrichten van de in lid 1 bedoelde taken.
De Eiopa dient deze ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 29 juli 2026 in bij de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid gedelegeerd om deze richtlijn aan te vullen door de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen vast te stellen overeenkomstig de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1094/2010.