Einde inhoudsopgave
Richtlijn (EU) 2025/1 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2007/36/EG, 2014/59/EU en (EU) 2017/1132 en de Verordeningen (EU) nr. 1094/2010, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 806/2014 en (EU) 2017/1129
Artikel 23 Waardering met het oog op afwikkeling
Geldend
Geldend vanaf 28-01-2025
- Bronpublicatie:
27-11-2024, PbEU L 2025, 2025/1 (uitgifte: 08-01-2025, regelingnummer: 2025/1)
- Inwerkingtreding
28-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
27-11-2024, PbEU L 2025, 2025/1 (uitgifte: 08-01-2025, regelingnummer: 2025/1)
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Verzekeringsrecht / Bijzondere onderwerpen
1.
De afwikkelingsautoriteiten zien erop toe dat afwikkelingsmaatregelen worden genomen op basis van een waardering die waarborgt dat de activa, passiva, rechten en verplichtingen van een entiteit als bedoeld in artikel 1, lid 1, punten a) tot en met e), eerlijk, prudent en realistisch worden beoordeeld.
2.
Voordat de afwikkelingsautoriteit een entiteit als bedoeld in artikel 1, lid 1, punten a) tot en met e), in afwikkeling plaatst, ziet zij erop toe dat er een initiële waardering wordt uitgevoerd om te bepalen of aan de afwikkelingsvoorwaarden van artikel 19, lid 1, of artikel 20, lid 3, wordt voldaan.
3.
Nadat de afwikkelingsautoriteit heeft besloten een entiteit als bedoeld in artikel 1, lid 1, punten a) tot en met e), in afwikkeling te plaatsen, ziet zij erop toe dat er een tweede waardering wordt uitgevoerd om:
- a)
het besluit over de te nemen passende afwikkelingsmaatregel te onderbouwen;
- b)
ervoor te zorgen dat verliezen van die entiteit ten volle worden opgenomen op het moment waarop de afwikkelingsinstrumenten worden toegepast;
- c)
het besluit over de omvang van de intrekking of verwatering van eigendomsinstrumenten te onderbouwen;
- d)
het besluit over de omvang van de afschrijving of omzetting van alle ongedekte passiva, met inbegrip van schuldinstrumenten, te onderbouwen;
- e)
bij toepassing van het instrument van de overbruggingsonderneming het besluit over de activa, passiva, rechten en verplichtingen of eigendomsinstrumenten die kunnen worden overgedragen aan de overbruggingsonderneming te onderbouwen, alsmede het besluit over de waarde van vergoedingen die kunnen worden betaald aan de onderneming in afwikkeling of, indien toepasselijk, aan de houders van de eigendomsinstrumenten;
- f)
bij toepassing van het instrument van verkoop van de onderneming, het besluit over de activa, passiva, rechten en verplichtingen of eigendomsinstrumenten die kunnen worden overgedragen aan de derde-verkrijger te onderbouwen, alsmede de opvatting van de afwikkelingsautoriteit over hetgeen moet worden verstaan onder commerciële voorwaarden voor de toepassing van artikel 31.
4.
De in lid 3 bedoelde waardering moet consistent zijn met artikel 75 van Richtlijn 2009/138/EG. Die waardering kan echter in voorkomend geval worden aangepast om rekening te houden met het feit dat de veronderstelling dat de onderneming haar activiteiten als going concern uitoefent niet opgaat, en met de specifieke omstandigheden met betrekking tot het gebruik van afwikkelingsinstrumenten.
5.
Beroep overeenkomstig artikel 67 tegen de in de leden 2 en 3 bedoelde waarderingen is uitsluitend mogelijk samen met het besluit om een afwikkelingsinstrument toe te passen of een afwikkelingsbevoegdheid uit te oefenen.